18-08-08

GILDE DE BILDE EN JOHN HARVARD

Het tussenseizoen is een zegen. Na het laatste fluitsignaal van het voetbaljaargang vallen alle spanningen weg. Géén nerveus nagelbijten méér, géén woedeaanvallen méér, de obsessionele queeste naar tickets voor de uitwedstrijden van de geliefde club houdt op, de met bierovergoten triomfen zijn voorbij, afspraken aan tankstations met gelijkgestemden onderweg naar Dender en Waregem behoren even tot het recent verleden.

Supporter zijn is slopend. Vierendertig weken balanceren op de meest uiteenlopende emoties.  Europa- en andere bekercampagnes niet meegerekend.

Ik ben wéér voltijds vader en echtgenoot. Vakantie.

De sportonderwerpen van kranten en andere media beperken zich tot tennis zonder Justine Henin, Tom Boonenloos wielrennen en de voorbereiding van de Olympische Spelen. De Spelen zijn puur amusement, interessante. De Spelen zijn ontspannend. Sprinten, zwemmen en wat voetbal. Boogschieten en hinkstapspringen laat ik aan mij voorbij gaan. De aanwezigheid van Georges Bush op de openingsceremonie is even groot nieuws als de titularisatie van Anthony Vanden Borre in de Olympische voetbalploeg of de vorm van zeiler Sébastien Godfroid. We zien allemaal wel.

In afwachting vier ik vakantie in Amerika. Boston is een ontdekking. Een mooie en aangename stad met veel gevoel voor marketing en humor. De “Freedom Trail” (de weg van de vrijheid) is een aanrader. Het goed georganiseerd parcours brengt de bezoeker langs alle belangrijke historische gebouwen en betekenisvolle landmarks. Het discours is leerrijk en boeiend. We leren dat Boston aan de wieg ligt van de Verenigde Staten. De haard van het verzet tegen de Britten. De stad van de Kennedy’s en sitcom “Cheers”. De bakermat van het Vrije Denken. Een torenhoog gebouw kondigt de 275ste verjaardag van de Vrijmetselaars van Boston aan. Het centrum van de wetenschap en de opleiding. De befaamde Massachussets Institute of Technology (MIT) en Harvard, de oudste universiteit van de Nieuwe Wereld. Acteur Tommy Lee Jones en voormalig vice-president en groene jongen Al Gore waren er kamergenoten. Matt Dillon studeerde net niet af. We laven ons aan de anecdotes. Het verhaal van John Harvard, een kerkelijk man die “The New College” - zoals de school aanvankelijk heette - leidde. De vrome man was Directeur geweest van The Saint Olave’s Grammar school in Orpington, Engeland. Na zijn heengaan schonk hij vierhonderd boeken en 750 pond sterling aan “The New College”. De negen studenten tellende school zijn hem zo dankbaar dat ze de instelling tot “The Harvard University” omdoopten. Boston is ook trots op zijn sportclubs. De “Red Sox”, het baseball team, en de “Celtics”, de basketkampioen. De vele toeristenwinkels- en kraampjes verkopen massa’s merchandising, talloze foto’s en posters van alle sporthelden en de clubs van de stad. Ook de tegenstanders komen aan bod. Larry Bird, icoon van de “Celtics”, staat broederlijk naast Michael Jordan van de “Chicago Bulls”. Een glimlachende Gilles De Bilde ingekaderd naast Gert Verheyen in een Brusselse toeristenwinkel? I don’t think so.

Op het einde van de wandeling schakel ik mijn telefoon in. Tientallen berichten uit Brussel en omstreken stromen binnen. Anderlecht verliest met 1-2 van het onooglijke FC Bate Borisov. Ik vloek en zweet. Het hart slaat ongewild op drift. De kinderen schrikken.

De vakantie is voorbij. Hoog tijd om naar huis te gaan.

  

14:37 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: gilles de bilde |  Facebook |

16-06-08

CHELSEA - LIVERPOOL

Chelsea FC – Liverpool FC, de terugwedstrijd van de halve finale van de Champions League. De heenwedstrijd eindigde op 1-1, met een late own-goal van de Noorse Liverpool verdediger John Arne Riise. Noorse voetballers, géén enkele heeft me ooit kunnen bekoren. Ole Martin Arst zeker niet. Rosse Riise staat bekend om het uitlekken van zijn loonstrookje (120 000 euro per week) en de publicatie van naaktfoto’s ook al gelekt door een voormalig en erg kwaad lief. Chelsea staat voor de glamour van de wereldstad London. Licht arrogant, minstens zelfbewust. De club van de wereldberoemde kapper Vidal Sassoon. Self made man, rasechte Londoner. Hij geniet in Los Angeles van zijn imperium. Liverpool FC is een volksclub, vermaard om de evergreen “You’ll never walk alone”. De havenstad stond in vroegere jaren ook geboekstaafd als een oord van verderf, beheerst door dieven, ander tuig en een hoge werkloosheid. Een soort Charleroi, Napels of Marseille met een palmares. “The Reds” hebben een enorme aanhang in binnen en buitenland. Evenveel haten de club. De aversie wordt ingegeven door onoverwinnelijkheid in de jaren ’70 en het wangedrag van de fans. Vier jaar na het Heizeldrama in 1985, waar Liverpool hooligans verantwoordelijk zijn voor de dood van negenendertig gewone fans, gaat de club bijna ten onder aan de tragedie van “Hillsborough”. Het stadion van Sheffield Wednesday is op 15 april 1989 het decor van de halve finale van de FA Cup tussen Liverpool en Nottingham Forest. Op het einde van de eerste helft wordt de wedstrijd gestaakt. Honderden Liverpool fans worden verpletterd achter het doel. De politie weigert de hekken te openen. Slecht politiebeheer en het agressief gedrag (tegen henzelf) van de eigen Liverpool aanhang zorgen voor de dood van zesennegentig Liverpool supporters.Het Heizeldrama zal ik hen nooit vergeven. Drieentwintig jaar later sta ik in de “White Horse”, een pub in Fulham, met mijn goede vrienden, hopend op de uitschakeling van Liverpool. De middag begint rustig, tegen de vooravond start het gezang. Humor en traditie. “Sign on, sign on, with a pen in you hand, you’ll never get a job” (op “you’ll never walk alone”). Beide clubs spelen voor de derde maal een champions league halve finale tegen elkaar. Tot nu toe trok Liverpool aan het langste eind. We bezoeken het laatste café voor de wedstrijd. De pub waar Chelsea FC gesticht werd. De kelen worden gesmeerd met nog meer bier en gezang.Het is tijd om te gaan. Na twee uur voetbal en veel dramatiek davert Stamford Bridge op zijn grondvesten. “The Reds” druipen af. We zingen en drinken nog urenlang, in groep, verbonden door een onbeschrijfelijk en universeel stamgevoel. Dan gaan de pubs onherroepelijk dicht en belanden we in de kelder van een Italiaans restaurant. Voor ons wil de Napolitaan zijn zaak nog even illegaal open houden. Terwijl we ons laven aan bier en aan de heruitzending van de triomf op een even illegaal binnengehaalde Italiaanse onbetaalde betaalzender, genieten we van heerlijke pasta. Come a casa. Voetbal in een hoofdstad is altijd beter dan elders.   

20:47 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (1) | Tags: champions league |  Facebook |

07-05-08

DE SKINHEAD VAN STAMFORD BRIDGE

Op 20 april 2008 was ik op Sclessin. Ik heb de oververdiende negende titel van Standard Club Luik vanop de eerste rij beleefd. De schande van de achtste (remember Waterschei van 1983) wordt weggespoeld met een indrukwekkend en oprecht volksfeest. Drie jaar geleden was ik in Londen voor de kampioenenviering van Chelsea FC. De vorige dateerde van een halve eeuw eerder. De ontlading begint rond tien uur ‘s ochtends in “The Wheatsheaf”, een Chelsea pub in Fulham. Veuve Cliquot en English Breakfast. Grootvaders, vaders en kleinzonen vallen elkaar een dag lang in de armen. Er wordt gezongen en blijmoedig luid gediscussieerd. Enkele uren later zakken we massaal af naar Stamford Bridge, het stadion van Chelsea. Mijn beste vriend woont in Londen en is helemaal “blue”. Collectief genot. Hij méér dan ik. Chelsea is “zijn” club. Ik kijk het aan en beleef het zoals het hoort. Respectvol, mij lavend aan het geluk van mijn dierbare vriend en de fans. De wedstrijd is een langgerekte huldiging zoals alléén Britten het kunnen. Elke speler wordt passend geeerd. Elk zijn eigen lied. Jose Mourinho, de trainer, wordt bezongen op de tonen van “La Donna è Mobile”. Naast mij staat een indrukwekkende vijftiger, groot, kaal, een tattoo van de club in zijn nek gegrift, bomberjack en bierbuik. De tranen stromen geruisloos van zijn wangen. Hij staart voor zich uit. “ik dacht dat ik dit nooit meer zou meemaken” fluistert hij ongevraagd zonder ons aan te kijken. Clubliefde, zuiver voetbalgeluk.  De Belgische media wijden de hele week het grootste deel van de berichtgeving aan de kersverse kampioen. De hype ontspoort. Standard champion. Voor de eerste keer in vijfentwintig jaar. We zullen het geweten hebben. De Premier, de Vice-Eerste Minister, de andere Vice-Eerste Minister en een Waals minister staan dagenlang op de eerste rij te kirren. De kampioen wordt in de ambstwoning van de Premier gehuldigd. Politieke recuperatie. Op donderdag breng ik een laatste groet aan de grootste voetbalpersoonlijkheid van het land. De begrafenis van Constant Vanden Stock verloopt waardig. Honderden supporters, clubiconen als Jan Mulder en Swatje Vander Elst en zoveel anderen zijn er in alle stilte bij. Marc Degryse vertelt me hoezeer hij Vanden Stock bewondert. Authentiek.  Daar komt het gemeentebestuur aan. De Eerste Schepen trekt een troosteloos droef gezicht. De man is een notoir tegenstander van het nieuwe stadion en van de modernisering van Neerpede, het jeugdcentrum van paarswit. Fabrice Cumps is een partijgenoot van “Rouche” Michel Daerden. Hun partij drukte 500.000 euro belastingsgeld door voor de bouw van het vandaag zo geroemde Luikse voetbalschool “centre Louis Dreyfuss” en de bouw van het nieuwe stadion in Luik krijgt ook hun zegen (en financiële steun). Geef mij maar de skinhead van Stamford Bridge.     

00:39 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: standard champion bis |  Facebook |

STANDARD CHAMPION

Vrijdagavond. Twee dagen voor de enige echte voetbalklassieker van het land, Standard CL – RSC Anderlecht. De traditionele pint na het werk. Onze jurist is evenwichtige man en helemaal gek van Standard Luik. Passie en liefde voor een club zijn géén afwijkingen. De man is van Boom en al die jaren trouw abonnee gebleven. Een kwarteeuw, bijna een mensenleven, hoon en vierentwintig mislukte kampioenschappen ondergaan. Respect. Ik jen hem. Na de uitschakeling in de beker tegen AA Gent, is twijfel in de groep geslopen, probeer ik. De ziel van Standard Luik is “net niet”. Een beetje zoals Feyenoord, Newcastle United en Olympique Marseille. Een prachtige achterban, zelden een prijs. Steeds weer die nieuwe spelers. Wie kent Roger Raeven nog? Het hoort gewoon zo te zijn, vervolg ik. Ik vertel hem een typisch Luikse anecdote. Na het omkoopschandaal van ’84 breken de zwarte jaren aan. Milan Mandaric, Amerikaanse tycoon en voetbalgek, wil de club redden. Ergens in september  wordt hij aan de spelersgroep voorgesteld net voor een wedstrijd. Kapitein Guy Vandersmissen vertaalt. Alle spelers zijn met verstomming geslagen. De redding is nabij. De Miljardair krijgt zelfs applaus. Zijn er nog vragen? Niemand. Toch wel, een speler steekt zijn hand op. Reserve Jean-Marc Bosman. De man van het arrest vraagt bedeesd waneer hij zijn wintervest kan krijgen? Vandersmissen durft de vraag zelfs niet vertalen. Typisch Standard. Sommige spelers schudden meewarig hun hoofd, andere barsten in lachen uit. Mandaric druipt af. De dollars ook. Waar gebeurd. Mijn collega en ik beginnen aan de lijstjes. De vijf meest mislukte transfers van Standard. Frédéric Pierre, Carlos Hermosillo, Pascal Diaz, Dirk Huysmans en Mladen Pelaic scoren hoog. De vergeten toptransfers dan maar. Nebosja Krupnikovic, Miklos Molnar, Zoran Bojovic en Emile M’Penza.Zaterdagnamiddag. Na de laatste wedstrijd van seizoen met mijn veteranen clubje, verneem ik dat Constant Vanden Stock overleden is. Het wordt even stil in de Brusselse kantine. Gestorven terwijl ik voetbal, denk ik, aan de vooravond van de match van het jaar. Het kan géén toeval zijn. Mijn Standard collega wenst me een innige deelneming per sms. Een voetbalkenner.Zondagavond. Ik geniet in Luik. De viering overtreft alle tribale affiniteiten. Hoe mooi voetbal kan zijn. Toch wel jammer dat die Mbokani de goals scoort.

Maandagmorgen. Mijn collega is nergens te bespeuren.

De Polonaise aan de oever van de Maas zal minstens vijfentwintig jaar duren.   

00:36 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: standard |  Facebook |

06-04-08

DE WOEDE VAN RSCA

RSC Anderlecht is boos. Terecht. Manager Herman Van Holsbeeck dreigt Brussel te verlaten als er niet snel een nieuw stadion komt. Het heeft lang genoeg geduurd. Het genie, de visie en de daadkracht van de familie Vanden Stock en haar voorgangers bouwden de club uit tot ongeëvenaarde hoogten. Niemand deed in dit land ooit beter. Anderlecht zet de toon sinds de Tweede Wereldoorlog. Paars-wit is, samen met bijvoorbeeld Real Madrid en Stade Reims, een van de grondleggers van de Europa Cup. Anderlecht is de eerste Belgische club met een professionele medische afdeling. De legendarische trainer Bill Gormlie stichtte de Heizelschool, waar de toptrainers van morgen opgeleid worden.

Het Belgisch voetbal heeft de eerste bescheiden televisie-inkomsten te danken aan Constant Vanden Stock. Toen FilmNet de Belgische markt wou veroveren, klopte de betaalzender aan bij de profclubs met de vraag of hij geen wekelijkse wedstrijd live en exclusief mocht uitzenden. Het verzet is gigantisch. Tot Vanden Stock zich ermee moeit. Waarom niet eigenlijk? Eén wedstrijd per week, op vrijdagavond. De meerderheid der profclubvoorzitters is overtuigd dat livetelevisie de stadionbezoeker thuis zal houden. Maar de overredingskracht van visionair Van­den Stock en de betaaltelevisiecen­ten overtuigen de conservatievelin­gen na ellenlange onderhandelin­gs­sessies.

Met de jaren wordt de tv-cheque vetter. Ook op vlak van stadion­infrastructuur en moderne exploitatievormen is Sporting Anderlecht een trendsetter. Wedstrijden tegen New York Cosmos en Aston Villa, aan het begin van de succesvolle jaren 1980, inspireren voormalig clubmanager Michel Verschueren tot de gedurfde bouw van het eerste Belgische stadion met business seats

en loges. Zonder subsidies. Een unicum. Anderlecht wordt prompt tot in provinciale gekopieerd. Eddy Wauters, de eigenzinnige voorzitter van het aan lager wal geraakte Royal Antwerp FC, offerde zelfs een volledige tribune op aan business seats. Die brengen meer op dan de gewone supporters.

Ondanks gewestelijke politieke consensus doen de ingewikkelde staatsstructuren de ambitieuze voetbalclub de das om. Een gemeentelijk burgervadertje is bij machte de tijdelijke uitbreiding van een profclub tegen te houden. De Stad Brussel, verzand in pijnlijk immobilisme en verlammende kortzichtigheid, verzet zich tegen een ingrijpende modernisering van het Koning Boudewijnstadion, waar we niet alleen Anderlecht in kunnen laten voetballen, maar ook Champions League-finales kunnen organiseren. Brussel, wereldstad? Mijn oren. Anderlecht, vaandeldrager van het Belgische en Brusselse voetbal, verdient beter.

Het politieke en industriële establishment bevolkt de eretribune en de salons van de club. In 2009 is het te laat. Dan is het Vanden Stockstadion te klein voor internationaal voetbal. Eregasten van de eretribune, denk aan al die mooie avonden, de heerlijke maaltijden, de nationale en internationale uitstraling die Anderlecht stad, streek en land en uzelf al een eeuw oplevert. Sta op, vergeet de regeltjes, en handel. Binnenkort beginnen ze in Brugge en Luik te bouwen.

00:37 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: stadion rsca |  Facebook |

02-03-08

ECHTE EN VALSE VIPS

De sfeer in en rond het Constant Vanden Stock stadion is gezellig maar onderkoeld. RSC Anderlecht – Girondins Bordeaux, de magere troost in het annus horribilis en eeuwfeest van paarswit. Slechts vijftienduizend toeschouwers hebben de weg gevonden naar de tempel van Constant Vanden Stock. De 16de finales van de UEFA Cup drijft de trouwste supporters naar de Théo Verbeeck straat en, naar gewoonte, een irriterend leger voetbaltoeristen. Genodigden. Ze bestaan in alle maten en gewichten. Bij Champions League confrontaties wordt een deel van het stadion bevolkt met oppervlakkige snobs. Het soort dat zich net ingeschreven heeft voor een Golfinitiatie in Itterbeek en algauw parmantig beweert lid te zullen gaan worden van de Golfclub van Knokke-Le-Zoute. Op hun vijftigste worden ze professioneel aan de kant gezet en leveren ze de BMW 3 reeks met tankkaart in. Het omhooggevallen volkje neemt de plaats in van de hondstrouwe supporters die de peperdure kampioenenbalabonnementen niet aankunnen. Ze zitten verspreid tussen de club loyalisten. Eén eenmalig bezoek aan het carnaval van Aalst of een voetbalmatch is voor de zelfverklaarde VIP’s folklore. De ene na de andere slechte mop rolt van de zitplaatsen. “Panathinaikos? Waar ligt dat?” “Speelt Pol Van Himst vanavond?” “Amai en zeggen dat er mensen zijn die hiervoor betalen”. Misprijzen.     Stewards zouden een politionele bevoegdheid moeten krijgen. Bij UEFA Cup matchen en andere Bekerwedstrijden wordt de B-lijst van stal gehaald. Het geknoei begint al voor de match, aan de elektronische hekken. De lagere middenkaders schuiven hun ticket minutenlang onhandig tegen de magnetische strip. Totdat een contrôleur zuchtend redding brengt. Cirque Du Soleil, een film in de IMAX of een voetbalmatch, het maakt hen allemaal niets uit. Ze bestuderen hun toegangsticket even aandachtig als de plattegrond van Disneyland. Verontschuldigend banen ze zich een weg naar hun plaats, vergezeld van een steward. De wedstrijd is dan al minstens tien minuten bezig. Tijdens de rust genieten ze van de capriolen van de clubmascotte. Alléén kinderen vinden volwassenen verkleed in pluche leuk. Ze veren recht op de verkeerde momenten, roepen moord en brand als een speler moederziel alléén uitglijdt. Ze vallen hun argeloze buren lastig met onnozele vragen en opmerkingen. Voetballeken horen niet in een stadion. Tenzij samen, allemaal afgezonderd in één vak of achter glas. Ver van ons. In tegenstelling tot de A-VIP’s, zijn de B’tjes bescheiden. Ze horen er graag even bij. Thuis en op het werk zijn het volgers, brave ja-knikkers. De afdelingsverantwoordelijke beloont hen somtijds met een kruimeltje. Anderlecht-Bordeaux. De B’tjes vertrekken tijdens een beslissende strafschoppenreeks, of erger, bij een 0 – 1 achterstand op tien minuten van het einde. Om de file te snel af te zijn.Een wedstrijd bijwonen is een slopend hoogtepunt. De opwarming is even belangrijk als de wedstrijd. Het clublied meezingen brengt geluk. Zonder ons, trouwe abonnés, bestaan de clubs niet.   Niets of niemand komt daar tussen. Wij zijn de enige echte VIP’s. 

15:42 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fake supporters |  Facebook |

24-02-08

LEVE CERCLE!

gisteren weer eens een heerlijke avond op Cercle Brugge meegemaakt. cercle kam nie langszij Roeselare die Catenaccio stilaan tot een kunstvorm aan het verheffen zijn.

Het was goed om verschillende redenen:

Yves Vanderhaeghe is helemaal terug, na 7 (sept, zeven, seven) operaties! een toonbeeld van karakter Hij hield, samen met die andere veteraan Stefan Tanghe, het positief voetballend Cercle op de nul. Verdedigen is ook een kunst

de Voorzitter van Cercle is een fijngevoelig man, net als sommige van zijn bestuursleden - Leve Patrick C. -. We hebben de vereniging gisteren gesloten

Franky Carlier, voormalig boegbeeld, wist ons te onderhouden met prachtige anecdotes.

de vriendelijkheid van de mensen van Cercle is onbeschrijfelijk

mijn gastheren (binnenkort "collega's") hebben een groot voetbalhart

de zaalverantwoordelijke is een Sporting Boy

moest ik in West-Vlaanderen wonen, ik nam een abonnement

LEVE CERCLE! 

 

 

10:53 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: cercle |  Facebook |

15-02-08

DE ZONEN VAN DE ZEE

Ik houd van Oostende. Brussel in het klein. Ik pleeg er wel eens een weekend door te brengen met vrouw en kinderen. Telkens ik het rond punt oprijd aan de rand van de koningin der badsteden, moet ik aan Laurent Verbiest denken. Hij verloor er op zesentwintigjarige leeftijd zijn begenadigd leven.  Auto ongeluk. Verbiest is, volgens de overlevering, de meest sierlijke achterspeler van RSC Anderlecht ooit. “Lorenzo” was het prototype van de Sinibaldi-speler. Technische lefgozer. Altijd voetballen. Volgens Albert Roossens, destijds zijn voorzitter, speelde de Oostendenaar zoals Beckenbauer. Hij zou Alberto Di Stefano ooit zoek gespeeld hebben. Generatiegenoot Richard “De Hazewind” Orlans bevestigt zoveel lof. Orlans vervoegde RSC  Anderlecht op de gezegende leeftijd van 31 jaar. De rasechte Gentenaar belandde bij Anderlecht omdat hij jaren voordien een van de beste gastspelers van paarswit was. In juni 1956 vergezelde hij Sporting als A.R.A La Gantoise speler op een 22-daagse voetbaltrip. Paarswit speelde gastwedstrijden in Helsinki, Leningrad, Moskou, Kiev en Boekarest, om via Boedapest en Praag terug te keren. In volle koude oorlog. Orlans was in de vorm van zijn leven maar keerde na de exhibitiewedstrijden braafjes naar de Gentse stal terug. Vijf jaar later zou het wel lukken. En hoe. In een volgepakt Heizelstadion (64.694 toschouwers) schakelde paarswit, met Orlans, eerst de Europese Grootmacht Real Madrid uit, daarna C.D.N.A. Sofia om na de winterstop uitgeschakeld te worden tegen Dundee United. Toch zijn de jaren zestig synoniem voor de bevestiging van de ziel van paarswit: dwingend, technisch en aanvallend voetbal. Frans voetbal. Het voetbal van Pierre Sinibaldi. De Corsicaan, destijds trainer van de Luxemburgse nationale elftallen, werd aanbevolen door Albert Batteux, de coach van Stade Reims en de Franse Nationale ploeg. Sinibaldi zou als geen ander zijn stempel op de club drukken. Zes jaar lang. De method was even eenvoudig als duidelijk: talent zo jong mogelijk aanwerven en polijsten naar de huisstijl door een leger begaafde trainers, meestal ex-internationals. Paul Van Himst is het prototype van de Anderlechtse jeugdschool. Van Himst bood zichzelf aan, andere werden elders opgespoord. Tot ver buiten Brussel. Oostendenaars Wilfried Puis en Laurent Verbiest. Zonen van de zee. Orlans was een uitzondering op Sinibaldi’s zienswijze. Hij versterkte als oudere de bende jonge veulens en ontfermde zich over de twee kustjongens. De Gentenaar was de trotse bezitter van een eigen wagen, een anthracietkleurige Mercedes 180. Roossens had die voor een goed prijsje kunnen regelen. Hoewel de Anderlechtspelers destijds al goed betaald werden vergeleken met andere eersteklasseclubs, kregen jongelingen Puis en Verbiest een eersteklasse treinabonnement. De gewiekste straatjongens kochten een tweedeklasse abonnement, staken het verschil op zak, spoorden naar Gent en reden met Orlans naar Brussel. Na enkele maanden vroeg Orlans het duo een financiële bijdrage te leveren aan de benzinekosten. Puis betaalde onmiddellijk. Verbiest deed alsof zijn neus bloedde. Orlans herhaalde zijn vraag nog een keer met de dreiging dat Verbiest op zijn eentje naar huis moest zien te geraken. Zo gezegd, zo gedaan. Na de training reed Orlans zonder omkijken weg, met de bedremmelde Puis naast hem. Verbiest trok zich daar allemaal niets van aan en nam de trein naar Oostende, zonder couponnetje. Hij werd gepakt. Richard Orlans moet er nog steeds om glimlachen. “Verbiest was wereldklasse. Een brutaaltje” vertrouwt hij me toe “een lieve jongen, misschien een van de beste waar ik ooit mee speelde. Toen ik vernam dat hij verongelukt was, kon ik er niet bij. Ik was er kapot van. Zo jong. Wat een carrière zou hij niet gehad hebben?”.Vincent Kompany zou nog het meest op Verbiest lijken. Jammer dat hij op twee februari 1966 de trein niet nam.

20:47 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsca |  Facebook |

27-01-08

RESERVOIR DOGS

Trainers en voetballers.Wanneer Haiti zich plaatst voor het WK 1974 in het toenmalige West-Duitsland, barst een ongekend volksfeest uit in de straten van de hoofdstad Port-au-Prince. Het starschot voor een onwaarschijnlijke vormcrisis van de nationale elf. Hoe dichter het WK komt, hoe slechter ze voetballen. Dat is zéér tegen de zin van dictator Baby Doc Duvallier. De bloeddorstige tiran dreigt. De eer van de natie staat op het spel. De afgang moet vermeden worden, of anders... De schrik slaat om het hart van steraanvaller Emmanuel Sanon, destijds de grote vedette van Beerschot. Sanon kan géén deuk méér in een pakje boter shotten. Hij is compleet uit vorm. Antoine Tassy, de bondscoach, wil het tij keren en spreekt zijn spelers toe. De kleedkamer davert op haar grondvesten. Om de donderpreek te benadrukken, neemt hij een startpistool in de hand en vuurt alle kogels af in het plafond. Daarna richt hij de loop naar topschutter Sanon die, in een roekeloze reflex, de dolgedraaide Tassy het pistool afhandig maakt en hem onder vuur neemt. Sanon weet dat er geen kogels meer zijn en haalt de trekker over. Click. Reservoir Dogs avant la lettre. Tassy trekt wit weg en verlaat de kleedkamer. Even later staat het nietige Haiti met knikkende knieën tegenover vice-Wereldkampioen Italië. Mirakels bestaan. Sanon scoort het openingsdoelpunt. De eerste tegengoal van de squadra in twaalf wedstrijden. De eer is gered. Na de wedstrijd vallen Tassy en Sanon elkaar in de armen en Baby Doc stuurt gelukwensen ondanks het 3-1 verlies. In 1930 spelen de Verenigde Staten het eerste WK in Uruguay. De USA is op dat ogenblik een bont allegaartje van Engelse en Schotse voetballers. De meesten vervelen zich stierlijk en gaan op visvangst. De ex-pats vinden een vijver, gooien er een pak dynamiet in en halen de dode vissen na de explosie op. Even later staan ze hun buit lachend te verkopen op een lokaal marktplein. Trainer Jack Coll kan er niet om lachen. Géén enkele van zijn spelers neemt de verantwoordelijkheid op voor de wonderlijke maar illegale visvangst. Integendeel, de internationals schrijven een brief naar de V.S. officials met de dreiging het WK te boycotten als de bondscoach de beschuldigingen niet intrekt. Coll had géén bewijzen en laar de zaak rusten, sterk tegen zijn zin. De VS hervat de training en bereikt de halve finale. Tijdens het toernooi vindt Coll elke dag stukjes vis in zijn hotelkamer en in zijn boekentas. De dader is onbekend gebleven. Elk jaar, tot aan zijn dood in 1960, ontvangt Jack Coll een verjaardagskaart, door alle spelers ondertekend. Op de postkaart prijkt steeds weer een mooie vis.Het Brussels voetbal zit in de knoop. Albert Cartier van FC Brussels en zijn collega van Anderlecht, Ariël Jacobs, moeten hun respectieve clubs uit het slop halen. De eerste kreeg zeven nieuwe spelers om het tij te keren, de andere drie. Tien verschillende persoonlijkheden inpassen is niet makkelijk.

Reservoir Dogs in Brussel. Cartier is alvast ontslagen.

    

13:54 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: reservoir dogs |  Facebook |

12-01-08

Een Nieuwe Wind

Het beweegt sinds Ivan De Witte (Voorzitter) en Ludwig Sneyers (Algemeen Directeur) de Liga Beroepsvoetbal aanvoeren. Er waait een lichte vernieuwingsbries aan de Houba De Strooperlaan.

Beide trachten de achttien eersteklassers op een lijn te krijgen. De vernieuwde eerste klasse is bijna een feit.

De Witte en Sneyers schuwen de taboes niet. Hun taak is aartsmoeilijk: een beter voetbalcontract binnenrijven en de competitie hervormen. Beroepshalve volg ik vele buitenlandse voetbalcontracten. De buurlanden staan al erg ver. Nederland en Duistland zijn voorbeelden van vernieuwing en creativiteit.We maken on sterk dat het hen lukt. ze studeren, zijn bescheiden en trachten de achttien clubs wat op te voeden, te informeren. Beide zijn de eersten die voetbal uit het afremmend mikrosmosje van het incestueuze milieu proberen te halen. Andere sporten en economische sectoren staan al veel verder. Voetbal is slachtoffer van haar eigen populariteit. Frans Schotte, de Voorzitter van Cercle Brugge, is ook zo iemand. Dat Cercle eerste of laatste staat maakt niets uit. Schotte heeft zich omringd met vakbekwame mensen van verschillende pluimage. ze volgen een sobere en nuchtere strategie en wijken niet. Emoties reserveren ze voor de wedstrijddagen. De rest van de tijd wordt gewerkt en beheerd. Met visie. Mannen als Schotte zijn niet alléén. Vincent Mannaert bij Zulte Wraegem is ook zo iemand. Intelligent, voetbalkundig en gedreven door de wil tot verbetering van "ons" voetbal.

We maken ons sterk dat doorbraken zullen volgen. Bescheiden en vastberaden leiders staan met mondjesmaat op.

Laat hen maar doen.

 

13:21 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: eerste klasse |  Facebook |

ALLES KAN BETER

Ik ben weer niet gevraagd door Humo. De eindejaarsvraagjes. Daarom maak ik voor een keer graag misbruik van het forum verleend door deze kwaliteitskrant.Mooiste momenten 2007 : Een Brusselse club voetbalkampioen van België. Alweer. Voor de 29ste keer in het bestaan van stamnummer 35.  Het voortbestaan van Union Sint-Gillis is verblijdend.   Dieptepunt 2007 : De slecht functionerende lichtmasten van FC Brussels. Hopelijk geen symptoom van een definitieve duisternis. Ook het ontslag van Franky Vercauteren is een droeve mijlpaal in de Brusselse voetbalgeschiedenis. RSCA zal hem ooit weer in de armen sluiten.  De dood van de hongaar Andras “Bandi” Béres. Als speler voetbalde hij aan de zijde van grootheden als Ferenc Puskas en Sandor Kocsis. In 1956 vluchtte hij naar Nederland. Hij voetbalde eerst voor de voorloper van Twente, SC Enschede. Na een avontuur in Luxemburg werd hij trainer van Beerschot in 1962. Vier jaar later, mijn geboortejaar 1966, kreeg hij Sporting Anderlecht onder zijn hoede en werd prompt kampioen. Enkele maanden later vloog hij buiten en trachtte hij Daring Club De Bruxelles te redden. Zonder veel succes. De opvolger van Pierre Sinibaldi blijft echter een paarswit icoon.Beste Voetballer 2007:Tot augustus 2007: Lucas Biglia. Danst de tango met de bal dankzij een magische zool.Slechtste Voetballer 2007:Sinds augustus 2007: Lucas Biglia. De overdaad aan zooltjes. Vooral lateraal en naar achter. RSCA mag maar een voetbalrichting kennen: rechtdoor.Voetballer Van het jaar:Steven Defour. Branie, straatslim, intelligent, sluw, charisma, dartel, hard en ambitieusVoetbakneuzen Van het jaar:De Bayats van Charleroi. Ze verdienen de club niet. Sporting Charleroi is een van de mooiste, warmste voetbalclubs van het land. Sinds jaar en dag. De zebra’s verdienen beleefde en waardige bestuurders.Beste trainer 2007:Michel Preudhomme. Als ik Standard voor mijn pensioen (binnen een twintigtal jaar) kampioen wil zien, zal het dit seizoen zijn.Slechtste trainer 2007: In dit land hangt het lot van elke trainer aan een zijde draadje. Ze kunnen allemaal iets.Beste bestuur 2007:Frans Schotte & co. Ingetogen, met visie en sociale empathie. Bij Cercle Brugge heerst ouderwetse warmte in moderne tijden. Ook de onvoorwaardelijke trouw aan het budget en de traditie van de vereniging. Ik ken Cercle bestuurders die hun koffie weigeren te drinken in een blauwe kop. Leve Cercle.Slechtste bestuur 2007:Sint-Truiden VV. Geld is niet alles of “hoe omring ik me zo slecht mogelijk”? Meest ongelukkige club 2007:FC Brussels. Hoewel het éénmansbestuur niet vrijuit gaat, lijdt de fusieclub onder een ontstellend gebrek aan geluk.  Veel kwetsuren gecombineerd met een bedenkelijke transferpolitiek richt de club (bijna) ten gronde.  Meest gelukkige club:Club Brugge. Slecht spelen en veel winnen. Waarschijnlijk kampioen.Mooiste Uitrusting 2007:Geen enkel. De kakofonie aan kleuren en sponsors op konten, schouders en borsten is hemeltergend, niemand lijkt nog trouw te blijven aan het originele uniform. Op de blauwzwarte set van Club Brugge en de Paarse set van RSCA na.  Lelijkste uitrusting 2007:Waar beginnen? Zulte Waregem heeft een italiaanse kledingsponsor. Het mag niet baten. De clubkleuren blijven wansmakelijk.Grote hoop 2007:Defour, Sterchele, Vadis Odjidja, Dembele, Mirallas, Gillet, Vermaelen, Vertonghe, Kompany, Poccognoli, Cordaro enz, ...er is veel talent op komst.Terleurtelling 2007:RSCA sinds augustus. FC Brussels verdient ook een vermelding.Beste Wensen aan:De voetbalbond. Geen excuses meer. Het moet beter.FC Brussels: ontwikkel de jeugdschool. Wat minder buitenlanders met belastingskorting, aub.RSCA: graag een structurele samenwerking met FC Brussels en Union om Brussels toptalent klaar te stomen.Cyrille Théreau. Alles wordt beter. 

12:56 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (1) | Tags: nieuwjaar |  Facebook |

16-12-07

JOM KIPPOER

Vorige donderdag, de dag van Sinterklaas, liep ik door de Brusselse binnenstad vergezeld van een goede vriend uit Amsterdam. Een gelijkgestemde veertiger. Assertieve Amsterdammer, stedeling, trouwe Ajacied en voetbalromanticus. De man is een autoriteit in de coulissen van het internationale topvoetbal. Hij gaat met Marco Van Basten op vakantie, belt wekelijks met Zlatan Ibrahimovic, de rumoerige Zweed van Internazionale Milano, en werkt voor het bedrijf dat o.m. de Premier League op televisie brengt en het Wembley stadion exploiteert. Fulco is mijn eregast voor de UEFA Cup wedstrijd RSC Anderlecht – Tottenham Hotspur FC. ‘S middags dineren we heerlijk in een van mijn lievelingsrestaurants, “De Vismet”, hartje Brussel. De lunch zou normaal plaatsgevonden hebben in “La Belle Maraichère”, even verderop. De wekelijkse sluitingsdagen vallen op woensdag en donderdag, niet toevallig Europa Cup avonden. De eigenaars, de onafscheidelijke broers Eddy en Freddy De Vreker, zijn met lijf en leden gebonden aan RSCA. Eddy, de chef, maakte talloze Europese verplaatsingen mee als de officiële kok van de club. De gouden jaren. Constant Vanden Stock en Michel Verschueren vertrouwden de keuken achter het ijzeren gordijn niet meer en stelden hem aan als culinaire waakhond van de raspaarden van het eerste. Hij is inmiddels gestopt maar blijft een trouwe aanhanger. De dag staat in het teken van vriendschap, voetbal en mijn geliefde hoofdstad. Tijdens de wandeling wijs ik Fulco het restaurant aan waar groten der aarde als Jan Mulder en Koning Albert II nog steeds vaste klant zijn. “La Belle Maraichère” is een monument. Daarna lopen we richting Grote Markt. Tottenham supporters hebben de binnenstad ingenomen. Voor de Beurs doet het Ierse concept café O’Reilly’s dienst als hoofdkwartier. Tottenham’s stadsrivaal Chelsea FC had de pub twee seizoenen eerder ook al ingepalmd. Een Ierse Pub als voetballokaal voor Engelse Clubs. Britten hebben in het buitenland géén last van communautaire opsrispingen. Spurs vlaggen, Union Jack’s en “Yids On Tour” spanddoeken wapperen trots in de grauwe Brusselse wind. Tottenham is een Joodse club met heerlijke zelfrelativerende humor: “twee Joodse Spurs supporters, Ted en Manny, komen elkaar tegen voor het nieuwe seizoen. Ted meldt dat de belangrijkste wedstrijd, tegen erfvijand Arsenal, op de Joodse feestdag Jom Kippoer valt. “Er zit niets anders op. We moeten het maar opnemen”, zegt Manny.  “Wat? De volledige dienst?” antwoordt Ted”. Géén supporter van Anderlecht te bespeuren. Vierentwintig jaar geleden liep ik hier ook, vol onbeheersbare testosteron en angst. De heenwedstrijd van de UEFA Cup finale RSCA – Tottenham Hotspur was een hoogdag voor het hooliganisme. Afschuwelijke rellen teisterden de binnenstad. Er viel zelfs een dode in de Aarschotstraat. Vandaag slenteren ex-hooligans geruisloos door de Koninginnegalerij. Kale veertigers, stevig uit de kluiten gewassen, getooid in trendy merkkledij en Spurs merchandising, peperdure en stijlvolle Neuhaus en Corné Port-Royal pralinezakjes in de hand. De tijden zijn gelukkig onherroepelijk veranderd. Even later genieten we op de Grote Markt in kerststemming. “Zo prachtig” zucht Fulco “Antwerpen is géén stad. Hier kom ik graag. Dit is tenminste echt Buitenland voor ons, Nederlanders”. Ik heb fijngevoelige vrienden. Mijn dag kan niet meer stuk. Mijn stad, een voetbaltopper en vriendschap. Méér moet dat niet zijn.

20:12 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsca - spurs |  Facebook |

08-12-07

SPEECH TOTTENHAM HOTSPUR - RSC ANDERLECHT

Please find herewith the speech written in honour of Spurs visit to RSC Anderlecht (UEFA CUP TIGH of december 6th 2007. 1-1). The speech might have been used by Anderlecht Chairman, Roger Vanden Stock. 

"Mr CHAIRMANMEMBERS OF THE BOARDLADIES and GENTLEMAN, It is a great honour for Royal Sporting Club Anderlecht and all our supporters to welcome Tottenham Hotspur to Brussels.Welcome.In name of the board of directors and all the members of the club, I hope that you are enjoying your stay in our fine city.Tottenham Hotspur is the most continental club in England.Loyal followers of the “PASSING GAME”, attacking football based on skill and talent. A game that we like to describe here as “Champagne Football”. No wonder that Spurs was the first English club to win a European Trophy when you defeated Atletico Madrid (5-1) in the 1963 Cup Winner’s Cup Final.No wonder that Spurs employed the first foreigner (Max Seeburg 1907) in the English football league. A sign of a permanent desire to improve the game. No surprise that charismatic and talented professionals like Danny Blanchflower, Ray Clemence, Glenn Hoddle, world champions, Martin Peters, Osvaldo Ardiles and Ricardo Villa all played for Tottenham. Not to forget Paul Gascoigne and today’s BBC Star, Gary Lineker who played in the famous white and navy blue kit.Royal Sporting Club Anderlecht is in some ways very similar to Tottenham Hotspur:Tottenham and Anderlecht are both proud to represent their countries’ capital.We are both, season after season, ambitious Our house style and football soul are nearly identical: We try to play fast and skilled attacking football.We both won the first European Club title for our countries and we are considered as true football institutions in England, Belgium and Europe.(As a reminder: we have beaten your city rivals of West Ham United in 1976)And we are both experiencing some “challenges” this season. Therefore, the UEFA Cup is an essential target for both clubs We played an unforgettable final in 1984 against each other that we lost on penalties after thrilling home and away games. RSCA Club icon, Arnor Gudjonson missed a penalty that night and we intend to set the record straight tonight.Anyway, I would like to conclude this speech with the wise words of Spurs Legend, Bill Nicholson: “It’s no use just winning, we’ve got to win well” Thank you very much for your attention and good luck."

21:35 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tottenham hotspur fc |  Facebook |

 

Het internationaal clubvoetbal wordt gekenmerkt door vaste rituelen. Zo is het een diepgewortelde traditie dat het bestuur van de thuisclub de collega’s van de bezoekende tegenstander op een officieel diner vergast voor de wedstrijd. Het gezellig samenzijn wordt steevast ingeleid door een welkomsttoespraak van de Voorzitter van de thuisclub, die vervolgens beantwoord wordt met een dankwoord van de bezoekende Voorzitter.

Op donderdag 6 december 2007 ontvangt RSC Anderlecht het Londense Tottenham Hotspur FC.  Hieronder leest u de in Nederlands vertaalde speech van Voorzitter Roger Vanden Stock. Of hij hem gebruikt heeft, is niet geweten.

“Geachte Voorzitter,

Beste bestuursleden,Dames en heren, Het is een enorme eer voor Royal Sporting Club Anderlecht en alle supporters om het bestuur, de spelers en de fans van Tottenham Hotspur FC in Brussel te mogen ontvangen.  Welkom in de hoofdstad van Europa.Ik hoop dat u een prettig verblijf in onze geliefde stad mag beleven. Tottenham Hotspur is de meest continentale club van Engeland. De club draagt de edele kunstvorm van “the passing game” uit, technisch, aanvallend en attractief voetbal. Wat wij hier graag “Champagne voetbal” noemen.   Géén wonder dat Spurs de eerste Engelse club was die een Europabeker won in 1963. U versloeg glansrijk Atletico Madrid (5-1) in de finale van de Europabeker voor bekerwinnaars.Géén wonder dat u, als eerste engelse profclub, een buitenlander aantrok. Max Seeburg in 1907. Een blijk van intelligentie en drang naar vernieuwing. Géén wonder dat charismatische, briljante kampioenen als Danny Blanchflower, Ray Clemence, Glenn Hoddle, wereldkampioenen Martin Peters (UK), Osvaldo Ardiles en Ricardo Villa (Argentina) voor de club voetbalden. Ook de onvergetelijke Paul Gascoigne en de huidige BBC ster Gary Lineker hebben met succes de prachtige blauwwitte uitrusting gedragen. Royal Sporting Anderlecht vertoont veel gelijkkenissen met Totteham Hotspur FC. Beide zijn hoofdstedelijk en bijgevolg ambitieus. Onze huisstijl en ziel zijn nagenoeg identiek. We proberen technisch, mooi en aanvallend voetbal te brengen.we wonnen beide de eerste Europa Cup voor ons land en genieten de status van gerenomeerde voetbalinstelling in Engeland, België en Europa. Ik herinner u daarom graag aan onze eerste gewonnen finale tegen uw  stadsgenoten en rivalen, West Ham United in 1976.We ondergaan allebei wat onvoorziene uitdagingen dit seizoen. Daarom is de huidige UEFA Cup-campagne een belangrijke mijlpaal voor zowel Tottenham als Anderlecht. We kwamen elkaar in 1984 al tegen. De spannende UEFA Cup finale werd nipt door Tottenham Hotspur gewonnen. Een thriller beslecht door strafschoppen. De misser van RSCA grootheid Arnor Gudjonson staat gekerfd in ons geheugen. Het is hem natuurlijk vergeven maar ik hoop dat we dit vanavond stijlvol kunnen rechtzetten.    Graag besluit ik met de wijze woorden van Spurs legende Bill Nicholson:“het heeft géén zin om alléén te winnen, maar we moeten ook goed winnen” (“It’s no use just winning, we’ve got to win well”) Ik dank u voor de aandacht en wens u veel geluk vanavond.” 

21:28 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tottenham |  Facebook |

FC BORAT

We wisten het eigenlijk al na de eerste kwalificatiematch, het grijze gelijkspel tegen FC Borat, de Republiek Kazakstan. Geen Europees Kampioenschap voetbal 2008 voor de Belgen. Doorheen de overbodige campagne groeide de verontwaardiging, gevolgd door diepe ergernis en eindigend met diepgewortelde onverschilligheid. Er is niets ergers dan onverschilligheid. De laatste vier wedstrijden zijn mij zelfs helemaal ontgaan. Zo kleurloos. Bovendien verkies ik clubvoetbal boven internationaal voetbal. Union – KV Kortrijk, FC Brussels – SV Dender, RSC Anderlecht – Standard  Brugge, Chelsea – Aston Villa en Internazionale Milano - Fiorentina ruiken naar gras en leren ballen. Het staat dichter bij de beleving, de mensen, dan  pakweg Portugal – Finland. Interlands hebben iets feestelijks. Wat is de charme van een wedstrijd tegen Zuid-Korea, Algerije of Griekenland? Folklore. Verplichte nummers.  Landenvoetbal is uitsluitend boeiend als men superieur wint of onverwacht stunt. Toch voor kleine naties als de onze. De finale van het EK’80 in Italië waar elf moedige Duivels het gastland heroisch uitschakelden en jammerlijk sneuvelden tegen West-Duitsland, de gewonnen openingswedstrijd tegen wereldkampioen Argentinië op het WK’82, de verloren halve finale tegen Maradona en de zijnen op het WK’86 in Mexico en, tijdens het WK’90, de onterecht verloren wedstrijd tegen Engeland. David Platt. Weet u nog dat we als beste derde (in groepen van vier), uit een groep bestaande uit wereldvermaarde voetbalnaties als Mexico, Paraguay en Irak, doorstootten naar de tweede ronde? De thriller tegen Rusland en bovenvermelde halve finale maken intussen deel uit van onze genen. Die andere wedstrijden bestaan niet méér. Een wereldkampioenschap telt twee matchen, hoogstens drie. Eindrondes zijn relevant voor grote voetbalnaties. Klassiekers als Italië-Duitsland en Engeland – Frankrijk.    Mijn Britse collega Simon en voetbalgelijkgestemde heeft sinds vorige donderdag een depressie. De Engelsen hadden genoeg aan een gelijkspel, thuis in Wembley, tegen de reeds geplaatste Kroaten. Ze verloren onverwacht. Simon kon het niet geloven, neersclachtig worstelde hij zich door de dag. Woedend en droef. Ik ben jaloers. Dat intense gevoel is me vreemd sinds de onterecht verloren wedstrijd tegen Brazilië op het WK 2002 in Japan en Zuid-Korea. Simon’s geraas tegen de falende trainer Stuart McLaren klonk als een liefdesverklaring. Liefde voor de natie, de nationale elf. Mc Laren de dommerik, de verrader. Vlijmscherpe verbittering ingegeven door de wanprestatie van elf flauwe veelverdienende voetbalgoden. De schaamte van het verlies. Ontroostbaar verdriet. De voetbaldepressie hield vierentwintig uur stand maar blijft vandaag nog sluimeren. Als blijk van troost maak ik hem diets dat een EK in Mickey Mouse voetballanden als Oostenrijk en Zwitserland zelfs met het fiere “England” nooit boeiend kan zijn, dat ze er tenminste een topcompetitie hebben enz...ik sorteer het omgekeerde effect. Hij kijkt me boos aan. Totdat ik hem vraag zich even in te beelden hoe het voor ons is, de Belgen? Gelijkspelen tegen FC Borat. Simon glimlacht. Verlegen.

21:26 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rode duivels |  Facebook |

FRANKY VERCAUTEREN

Marco Van Basten en Wim Kieft, twee Hollandse sluipmoordenaars. Supersterren van Wereldniveau. De legendarische testwedstrijden, twee rechtstreekse confrontaties tussen België en Nederland, een ware broedermoord beslisten over de deelname van de Rode Duivels aan het Wereldkampioenschap in Mexico ’86. Het onvergetelijke doelpunt van Geroges Grün in de terugwedstrijd in een volgepakte Rotterdamse Kuip zit sindsdien in ons collectief geheugen gegrift. De enige verlieswedstrijd die als een triomf gevierd werd. 2-1 verlies. Bij 2-0 zouden de Nederlanders naar Mexico gegaan zijn. De ingetogen Grün kreeg alle aandacht. Niet helemaal terecht.  We zijn het met zijn allen vergeten maar de beslissing viel een dikke maand eerder, in het Constant Vanden Stock stadion, op 16 oktober 1985. Het Heizeldrama had de nationale elf naar Anderlecht verbannen. De wedstrijd start hevig. Oorlog. Na enkele minuten klieft Vercauteren Kieft doormidden. Een welgemikte en doelbewuste stamp op de knie. Intimidatie op het hoogste niveau. De anders erg aimabele Nederlander trapt dom in de val. Hij deelt de Prins van het Astrid Park een oorveeg uit. Frank Vercauteren zijgt neer, alsof hij in de rug geschoten is. De Napolitaanse ref Elio D’Elia, niet ongevoelig voor enige overdrijving, speelt gretig in op Franky’s acteerprestatie en danst als één overjaarse ballerina naar boosdoener Kieft, tast zwierig naar zijn borstzak en sluit hem onmiddellijk uit. Een kaakslag voor de Nederlanders. Het incident blijft Oranje de hele wedstrijd parten spelen. Zelfs Van Basten is het noorden kwijt en incasseert even later een stupiede gele kaart. De beste aanvallers geschorst voor de terugwedstrijd. Na twintig minuten scoort de kleine Prins het enige doelpunt van de wedstrijd. Merci Franky.Vercauteren is een onverzettelijke leider. Volgens sommige een nors en koppig man, voor anderen, zoals ik, een echte kampioen. Kampioenen zijn géén makkelijke jongens. Ze weten wat ze willen. Frank Vercauteren maakt wezenlijk deel uit van de mooiste periode van de Rode Duivels (EK ’80, WK ’82 en het WK’86) en “zijn” RSC Anderlecht. Van 1966 tot 1987. Géén toeval. Als profspeler voetbalde hij Vijf Europese finales bij elkaar en won er drie. Van alle voetballers van paarswit ooit, heeft hij de meeste prijzen gewonnen in verschillende competities. Voeg daar 367 wedstrijden in de Belgische Eerste klasse aan toe en 92 doelpunten. De geniale linkspoot is een levende legende. De Gouden Schoen van 1983 bezat de gave van de meest zuivere voorzet ooit. Géén enkele voetballer die hem later, als trainer, diende was beter dan hemzelf. Bovendien is Frank Vercauteren een rasechte Brusselaar, een van de actoren van mijn mooiste voetbalherinneringen. De afgemeten voorzet voor Erwin Vanderbergh is de prachtigste. 1-0 tegen het Argentinië van Maradona tijdens de openingswedstrijd van het WK ’82.  Ik heb seizoenen lang met zijn naam trots op de borst gevoetbald.  “Frank Vercauteren Sport”, zijn sportwinkel op “de spiegel”, het Koningin Astrid plein in Jette, sponsorde de jeugd van SCUP. Winnen en verliezen, van de cadetten tot en met de juniores, met Franky op de buik en in het hart. Frank Vercauteren, kom terug. En snel. Als technisch directeur van paarswit of, nog liever, als hoofd opleidingen en voetbalzaken bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond. De Koninklijke heeft dringend een Prins nodig.

21:25 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: franky vercauteren |  Facebook |

FUTSAL

Ik zag hem voor het eerst aan het werk in Rio, vorige zomer. Zijne Koninklijke Hoogheid Alessandro Rosa Vieiri. Kortweg Falcao. De virtuoos met nummer 12, de beste zaalvoetballer ter wereld.  Hondertachtig miljoen fans aanbidden hem. Ronaldinho en Robinho zijn de twee bekendste.  Bebeto, Braziliaanse WK voetbalster van 1994, probeert géén enkele wedstrijd van de magiër te missen. Het genie van Falcao beschrijven is onbegonnen werk. De benamingen van zijn honderden onnavolgbare dribbels zijn even spitsvondig als de bewegingen zelf. Eentje wil ik u niet onthouden: de “Lambretta” (Italiaanse Scooter). Een eigen creatie van de meester. Bovenaardse behendigheid. Gelukkig is er YouTube. Ik nodig u uit “Falcao” te “youtuben”. Zaalvoetbal stoelt op iventiviteit, individuele creativiteit en perfecte coordinatie. De bal is een vriend, een trouwe partner. In tegenstelling tot voetbal, waar stijve, atletische harken wèl een carrière kunnen uitbouwen, duldt futsal uitsluitend technish vernuft. Futsal is een zuivere versie van Voetbal, de ultieme stadssport. Falcao beweert dat Futsal “als een dans is. Neem de bal weg en ik bak er niets meer van. Mijn vrouw houdt van dansen maar ik kan het gewoonweg niet. Wel met een bal, uitsluitend met een bal”. Brazilianen hebben zich massaal tot het zaalvoetbal bekeerd na de exodus van voetbalsterren als Ronaldo, Kaka, Adriano en co. Falcao’s ster begon begin jaren negentig te rijzen en hij werd al gauw een nationaal idool. Zijn club Associacao Desportiva Jaragua-Malwee speelde ooit een vriendschappellijke wedstrijd ergens ten lande. Tijdens de eerste helft werd Koning Falcao uitgesloten. De tienduizenden toeschouwers pikten dit niet en werden uitzinnig. Duizenden muntstukken belandden op het veld, de supporters joelden, sommige vertrokken zelf. Ze wilden Falcao aanbidden. De organisatoren besloten dan maar de referee uit te wedstrijd te halen en hem te vervangen. Falcao begon aan de tweede helft en de rust keerde terug. Hij won de gouden bal en de gouden schoen op het wereldkampioenschap in Taipei (2004) en ontving datzelfde jaar de eerste “Futsal World Player” trofee, officieel uitgereikt in het hart van de FIFA hoofdzetel in Zurich door opperbaas Sepp Blatter. Falcao werd ook verleid om te voetballen, elf tegen elf, bij Sao Paolo. Braziliaanse topklasse. Het avontuur duurde zes maanden. De start was veelbelovend. Tijdens zijn eerste optreden – Falcao voetbalt niet, hij treedt op - , tegen het onbeduidende Ponte Preta, bekoorde hij het stadion onmiddellijk. Tegenstanders incluis. Gras of zaal leken hem niets uit te maken. Schijnbewegingen, zolen, kappen, draaien, millimeter werk op een vierkante centimeter. Sao Paolo in de ban van de meester. Show en vertier. Falcao leek op weg om de eerste Futsal speler te zijn die vlot beide disciplines zou combineren. Helaas, daar stak trainer Emerson Leao een stokje voor. Ondanks de smeekbeden van fans en medespelers kluisterde Leao de beste vriend die een bal ooit gehad heeft op de bank. Maandenlang. Hij viel zes keer in op eenentwintig wedstrijden. Falcao mocht van hem géén interviews geven en zijn opwarming gebeurde in de spelerstunnel. Ver van de volgelingen. Het zingen van Falcao’s naam klonk als een gesel voor de kleingeestige coach. Falcao aanvaarde het vanzelfsprekend niet en keerde terug naar zijn zaalvoetbalclub waarmee hij de titel won en de Copa Libertadores (de Zuid-Amerikaanse Champions League). Vandaag verdient Falcao bakken geld, bezit hij een eigen kledingslijn en is uitermate gelukkig. De stad bouwde zelfs een nieuwe Arena om vijftienduizend fans te kunnen ontvangen. In Brussel lopen honderden Falcao’s rond. Pingelend doden ze de tijd op de pleintjes.  De jaarlijkse Brusselse zaalvoetbalcompetitie georganiseerd door de Vlaamse Gemeenschapscommissie is dan ook een puike beleidsdaad. Het stopzetten van de stadssteun aan zaalvoetbalclub Brussels United is dan weer een regelrechte schande. Géén Brusselse club bij de elite.Brussel zal het nooit leren.   

21:23 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: futsal falcao |  Facebook |

JOHAN VERMEERSCH

Wijlen Albert De Meester was betonboer en een van de markantste Voorzitters van AA Gent. Een kleurrijk man. Bij aanvang van zijn voorzitterschap kende hij het verschil niet tussen handbal en voetbal maar dat duurde niet lang. In 1977 vig hij een glimp op van Cruyff en Neeskens bij FC Barcelona (1977). Zelfs de voetbalonkundige De Meester begreep onmiddellijk dat het duo uitzonderlijk was. Hij besloot hen naar de Artevelde stad te halen. Na een kort gesprek met de manager zag hij af van die ambitie. Eén miljard oude Belgische Franken was, zelfs voor De Meester, iets te hoog gegrepen. Albert De Meester was een doener en een natuurlijke leider. Een patron van de oude stempel. Gedreven door clubliefde en een ongebreideld ego, gebruikte hij zijn bijna mateloos wit en zwart fortuin om van de Buffalo’s een topclub te maken. De Meester stond aan het roer van blauwwit 1976 tot 1984. Het verhaal gaat dat hij zijn jaguar tijdens trainingen op de middenstip parkeerde. Trainer en spelers wisten niet wat ze hiermee aan moesten en dribbelden geruisloos angstig rond de slee. Hij bemoeide zich met alles. Niemand sprak hem tegen. Ooit sprak hij de spelers toe in de kleedkamer. Mijnheer Albert was woedend en brulde heel Gent bij elkaar. Zo luid dat trainer Robert Goethals verschrikt wegrende, zo hard dat het plafond van de kleedkamer naar beneden donderde. Letterlijk. Andere tijden. Ook de voetballers verschilden. Harde mannen uit een stuk, het kaf werd snel van het koren gescheiden. Op natuurlijke wijze. De groep corrigeerde voortdurend. Ellenlange psychologische praatsessies waren onbestaand. Weerbare mannen. De rangorde was duidelijk. De Voorzitter van de capo di tutti capi, gevolgd door de trainer en de spelers. Kleedkamerverhalen bleven waar ze hoorden, binnenskamers. De Meester kwam ooit voor een belangrijke wedstrijd de kleedkamer binnen. Hij stak vier vingers in de lucht met de mededeling dat elke speler op vierduizend frank kon rekenen bij winst. Aad Koudijzer, de mondige Nederlander, vroeg hem of hij kramp had in zijn duim. De Meester gaf toe. Vijfduizend frank. Hij hield van zijn voetballers. Journalisten waren destijds de bondgenoten van het voetbal. Het “nieuws” was ondergeschikt aan de liefde voor de corporatie. Er werd wel eens iets gelekt, natuurlijk wel. Maar het bleef binnen de perken. De corpulente De Meester werd de klok rond bijgestaan door Jules Verwee, manager avant-la-lettre. Wanneer een veter van De Meester’s schoen loskwam, siste de Voorzitter: “Verwee, knoop dat eens vast”. Wat prompt gebeurde. De Verwee’s van vandaag zouden een rechtzaak aanspannen, of tenminste het gebeuren lekken. Johan Vermeersch, de bullebak van FC Brussels, voetbalde voor De Meester. Hij is, tot vandaag, zijn groot voorbeeld.

21:22 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fc brussels |  Facebook |

23-09-07

L'ENTENTE BRUXELLOISE

Alles is voorbij. De zomer is vervlogen en Brussel zal dit seizoen, sinds mensheugenis, géén Champions League wedstrijden mogen beleven. Jammer dat het “Fenerium”, de fanshop van Fenerbahçe in de Koningsstraat, niet méér bestaat. Het zou gouden zaken hebben gedaan. De verkoop van topschutter Mémé Tchité aan, godbetert, Santander moet het mislopen van naar schatting tien miljoen kampioenenbal euros goedmaken. De smaakmakers uit de Jupiler League gaan naar de kleine clubs uit de grote voetballanden.De transferperiode zit er sinds vorige vrijdag ook op. Sportief noodlijdende clubs als FC Brussels hoopten nog snel enkele goede zaken te doen. Zoals nuchtere huismoeders die op het einde van de solden nog snel even de Innovation en de C&A binnenlopen om in de laatste bakken te gaan snuffelen en graaien. De strategie liep gruwelijk mis. Gregory Dufer, op overschot bij Club Brugge, verkoos Luik boven Molenbeek en Sven Kums, veelbelovende jongeling van RSC Anderlecht moest, vanwege een oude twist tussen Johan Vermeersch en Herman Van Holsbeeck, aan de Theo Verbeecklaan blijven. Die andere Brusselse volksclub, Union Sint Gilloise, kreeg dan weer Siani grootmoedig in bruikleen van moederclub Anderlecht. “The Bhoys” – ik zal nooit aan de naam wennen -, de harde kern van Union, zal het niet graag lezen maar paarswit heeft wellicht hun geliefde gered. Siani is (belgische) top, een sierlijke voetballer. De eerste tekenen van een “Entente Bruxelloise”, mag ik hopen. FC Brussels mag tot dusver niet meegenieten van de embryonale vriendschap. Ruzies, onverzoenbare ego’s en misplaatste nostalgie naar lang vervlogen tijden staan vooralsnog een logische samenwerking in de weg. Economische werkelijkheid, visionnaire bewustwording en, wie weet, de staatshervorming zullen de Brusselse clubs dichter bij elkaar brengen. Feyenoord leende haar meest belovende jongeren jarenlang uit aan stadsgenoot Excelsior Rotterdam. Landgenoten Thomas Buffel en Gil Swerts werden er, als ruwe diamanten, geslepen. Feyenoord werd er veel beter van en Excelsior overleefde. Zo ver zijn we in dit gewest nog lang niet. De huidige Brusselse voetbalfolklore herinneren aan befaamde “no-cash” transfers. Dimitar Berbatov, de Bulgaarse steraanvaller van Tottenham Hotspur werd door CSKA Sofia bij zijn eerste club Pirin Blagoevgrad voor 20 paar voetbalschoenen “weggekocht”. Marius Cioara verkastte van UT Arad naar Regal Hornia in Ecuador in ruil voor 15 Kg...worst. Zo ver mag het in Brussel niet komen. Het is eigenlijk eenvoudig. De top bij Anderlecht, de jonge talenten ervaring laten opdoen bij FC Brussels en Union. Eendrachtig de opleiding verzorgen van Kompany’s opvolgers op basis van een éénduidend weloverwogen project dat we van de Hollanders afkijken. Bij lucratieve doorverkoop genieten de drie partijen van de opbrengst. Binnen tien à vijtien jaar spelen er Brusselaars bij Chelsea en Milan. Fusies hoeven er  niet aan te pas komen. Elkeen mag in zijn eigen kleuren blijven voetballen, op zijn niveau. Ook het delen van vernieuwde infrastructuur behoort tot de mogelijkheden. Brussel zou als model moeten dienen voor de twee andere regio’s. Eendracht Maakt Macht.

14:21 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: brussel |  Facebook |

02-09-07

De Ballenjongen van RSCA

Cedric De Groote van nieuwkomer FCV Dender is met 1m75 de kleinste speler van de club. What’s in a name? Het andere blauwzwart scoorde na twee speeldagen drie doelpunten. De zoon van Eric Gerets, de Leeuw van Luik, is een van de drie doelpuntenmakers. Johan Gerets werkte prachtig af thuis tegen GBA, in eigen doel. Zo vader, niet de zoon. Dender trainer Jean-Pierre Vandevelde heeft ooit voor Standard Luik en Anderlecht gevoetbald. Méér valt er over de debutant in de Belgische voetbalelite niet te vertellen. Een vogel voor de kat. Dender SV is de zoveelste sympathieke club die na enkele verliespartijen snel zal gaan vervelen. Volgend seizoen zijn we met z’n allen vergeten dat ze ooit in “eerste” voetbalden. Alléén de huidige kernspelers en hun kleinkinderen hebben er wat aan. SV Dender is een irritante speling van het lot. Ze doen me denken aan Hollandse clubs als Cambuur Leeuwaarden en FC Omniworld, aan het Franse FC Gueugnon, het Italiaanse Monza en het Engelse Crewe Alexandria. Allesbehalve voetbalelite. Dender in de Jupiler League is als de Bermuda Islands op het Wereldkampioenschap.  Een club van ballenrapers. Ballenrapers zijn esssentieel voor topvoetbal. Laatst ging ik kijken naar RSC Anderlecht tegen Sporting Lokeren Oost-Vlaanderen, ondanks de wereldse voetbalman Georges Leekens, even artificieel als Surimi in de Noordzee. Haal de mecenas en bandengigant Lambrecht weg en Lokeren voetbalt in derde. Soit. Ballenrapers. Lokeren kwam om niet te verliezen. Het hoofdvak der Belgen. Geen erg. Het slopingswerk loonde. Méér dan twintigduizend paarswitte supporters betalen een fortuin om elftallen als Lokeren te zien verdedigen. Dat verdedigen is niet het punt, wel het tijdwinnen. Boubacar Copa, de bezoekende keeper, kon bij elke uittrap méér dan twee minuten tijd stelen. Er waren immers géén ballenrapers in het Constant Vanden Stock stadion.   Daniel Passarella, beenharde leider van het Argentinië van 1978 en de eerste Argentijn die ooit de wereldbeker in handen had, speelde twee jaar voor FC Internationale Milano (1986 -1988). “El Capitan” speelde ooit een sleutelwedstrijd  in een vol San Siro, tegen  erfvijand en stadiongenoot AC Milan. Omdat hij de bal niet snel genoeg kreeg van het Milanees ballenjongetje schopte hij hem krachtig de lucht in. Moord en brand werd geschreeuwd in de voetbalgoegemeente. Ten onrechte. Wat bezielde dat kliertje? Daniel Passarella had gelijk. Het gaat om topvoetbal.De schande van Lokeren. Géén ballenjongens? Miljoenen aan transfers uitgeven maar een essentieel detail uit het oog verliezen, de ultieme tempo bepalende schakel van een wedstrijd uitschakelen: de ballenraper, de dertiende macht van elk thuiselftal. Anderlecht wil aansluiting met de Europese top. Toch een optie nemen op Cédric De Groote volgend seizoen. Als ballenjongen. Hij is er groot genoeg voor. 

22:03 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsca |  Facebook |

FC BRUSSELS

Lokale Verankering is het leitmotiv van FC Brussels. De band met  Brussel wordt inniger.  Als we niet opletten wordt de Meybuum binnenkort gepland op het kruispunt van de Mettewie met de Gentse Steenweg. Voorzitter Johan Vermeersch haalde alvast een man uit eigen gouw binnen. De nieuwe assistent is Brusselser dan Manneken Pis, de tiende bol van het Atomium. Bovendien is Eddy de Bolle cosmopoliet. Afrika, méér bepaald Ivoorkust, is zijn specialiteit. Hij werkte jarenlang voor Beveren. De man van Sint-Agatha Berchem kan ten allen tijde inspringen indien de Fransman zou (moeten) vertrekken. Eddy is een kampioen, met RWDM in 1975. Hij voetbalde ook voor Anderlecht. De Bolle zou moeten overnemen in oktober, waarschijnlijk al september. Die andere ket, Kapitein Haydock, in Ukkel geboren, is na een lange blessure verrezen. Ze zijn zeldzaam, de Haydocks van deze wereld. Mannen uit een stuk, gedreven door trots, wilskracht en dankbaarheid voor het mooiste beroep ter wereld. Alan Haydock geeft zich eerstdaags op voor een managementsopleiding aan de Vlerick hogeschool. Hij zal slagen.    Alan Haydock zal berekenen dat, als één honderste van het miljoen Brusselse inwoners een seizoenskaart neemt, FC Brussels dan bijna volmondig Brussels genoemd kan worden. Tienduizend bovenop de huidige tweeduizend abonnees. Hoe mooi zou dat niet zijn? De BXL Boys XXL. Ellelange files op de kleine en grote ring op wedstrijddagen. Europees voetbal. Eerst intertoto, dan UEFA en daarna méér. Wie weet? Binnen enkele jaren doemen de eerste petities op van verzuurde buurtbewonders, grimmig protesterend tegen zoveel voetbaloverlast. Ik kan spontaan een beeld oproepen van Johan Vermeersch, intussen grijzer en ronder geworden, gewichtig geflankeerd door sportieve en commerciële directeurs, assertief schrijdend, op weg naar een audientie bij de Brusselse gezagsdragers om een visionair futuristisch stadionproject te bespreken. De nationale en internationale camera’s zijn erbij, de lokale hadden zich helaas van dag en uur vergist. Het stadion met uitschuifbaar dak, inschuifbare atletiekpiste – FC Brussels is een omnisportverenging geworden -, Olympisch Zwembad naast de kleedkamers, een sporthal onder de tempel en een modern kantorengeheel annex winkelcentrum aan zuid- en noordzijden wordt besproken. Alternerend voetballen in een gezamenlijke voetbaltempel met broer Anderlecht, in Schaarbeek, wordt briesend van tafel geveegd. Ook Union wil hulp bieden. De goede bedoelingen uit Vorst (of is het Sint-Gillis?) worden stilzwijgend weggegeeuwd. Vermeersch dreigt. Hij oppert een verhuis naar het buitenland, de Natie Vlaanderen (NV). De N.V. is, na twaalf staatshervormingen en evenveel hevige schermutselingen in de straten van Brussel, inmiddels onafhankelijk geworden. De jongens van de Brusselse harde kern zijn woedend en draaien, bij wijze van protest, hun rug vernederend lang naar de eretribune tijdens een thuismatch tegen de ambitieuze fusieclub FC GAG (Groot Antwerpen Germinal). Ze heffen een Brusselse versie van de Marseillaise aan. Bart De Wever, Minister-President-Generaal-der-Natie-Vlaanderen, zit naast Johan Vermeersch in de eretribune. Hij kan het tafereel niet smaken en verlaat misnoegd het stadion. Op de (te kleine) parking moet hij uren wachten voor hij kan vertrekken. Het hoofd der parkingwachters, officieel “fleet parking manager”, de kleinzoon van Eddy De Bolle, weigert grijnzend de nummerplaten van de blokkerende auto’s af te roepen. FC Brussels blijft in Brussel. Voor altijd. Toch eerst even de werkelijkheid trotseren, Nul op Zes. Punten pakken en de witte merel, Pavel Fort, spelgerechtigd krijgen. De tijd dringt.

22:01 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fc brussels |  Facebook |

18-08-07

RIO DE JANEIRO

Twee weken geleden heb ik de finale voetbal "mannen" bijgewoond in Maracana, de hooftempel van  voetbal. Voor nog géén vierde gevuld. Bovendien regent het hier al enkele dagen. Grauw.  Ecuador - Jamaica. Afschuwelijke wedstrijd. Stampen. Het was alsof STVV - Dufermline gespeeld werd in leeg Wembley. Ik haatte Maracana net niet. Het stadion verdiende die match niet. Traditie tempels verdienen wereldse wedstrijden en/of legendarische teams.Jamaica? ze voetballen zoals wij vroeger op school, chaotisch, snel shotten voordat de bel gaat, als hondjes.Ecuador is een soort mislukt Uruguay. Een onhandige parodie van brutaal spel. Lelijke uitrustingen van raar zuid-amerikaans merk "Marathon". Wie voetbalt er nu met "Marathon"? binnenkort handball in "Paul & Shark"?   De dag ervoor bij CR Flamengo binnengeraakt. De traditieclub (30 miljoen supporters!) staat derde laatste. Het is de club van o.m. Zico, Junior, Bebeto en Zagallo. Ik heb mezelf plezier gedaan en een lange reportage gedraaid in het trainingscentrum, midden in het stad. Ik kreeg er niet genoeg van. Onze geluidsman lijkt op Harry Potter en is vegetariër. De vale jongen luistert ook naar Walvisgeluiden en doet ongetwijfeld aan bio therapieën. Hij begrijpt voetbalbeleving niet zo en wilde na twee uur al naar het hotel. We bleven tot het donker werd. Zaalvoetbaltraining met tienjarige Carioca's bijgewoond. Blijmoedig hoogstaand voetbal.   "Mengo" heeft verschillende leuzes. De mooiste: "een groot speler worden begint bij Futsal". Wijze club.Club De Regatta Flamengo begon als roeiclub. Afvallige Fluminense spelers hebben er de voetbalafdeling (1916) opgericht, daarna nog turnen, zwemmen, futsal, volleyball, basket... Een mooie omnisport vereniging.Ik heb de Voorzitter, Kleiber Leite – lekkere voorzittersnaam - kort kunnen interviewen en een training bekeken. Het gras staat hier overal "lang", het is donzig. Spelers hadden plezier. De bal stremt voortdurend. Techniek is vereist om - zoals ze hier zeggen - een verhouding met de bal te hebben.De dag geeindigd met plundering van de fanshop. Moeder de vrouw zal weer peilen naar mijn lage mentale leeftijd. "12 jaar", zal ik antwoorden. 

De voorlaatste dag heb ik de finale futsal : Brasil - Argentina beleefd. Vonken! 4-1 voor Brasil. Ik was voor de Argentijnen. Brazilië oppermachtig. De sterspeler heet Falcao. Het kan géén toeval zijn. Als kers op de taart kon ik plots ( en te kort) Bebeto interviewen (Wereldkampioen '94). Na Havelange, Kleiber Leite, nu Bebeto..

het leven kan mooi zijn 

01:12 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (1) | Tags: brazil |  Facebook |

25-07-07

JOAO HAVELANGE

Ik liep gisteren een dag lang in de voetsporen van Evaristo, Zico, Rivelino, Didi, Vava, Socrates, Zico, Romario, Branco, Cerezo, Junior, Edmundo, Ronaldo, Garrincha en Pelé. Negen uur gespendeerd in het "Estadio Mario Filho" ofte het "Maracana", epicentrum van alle voetbal. Voor de VIP ingang staan twee grote wandfoto's van de grootste, de beste Braziliaanse voetballers allertijden. Er is ruimte voor nog meer fresco's. Kaka staat er ook tussen. Als enige met het blauwe truitje. Voor de levensgrote afbeeldingen, op de grond, tegels, ronde naamplaten van oude en huidige glorieën met hun voetstappen erbij, voor de eeuwigheid in beton gegoten. De voeten van Romario zijn klein. Voetballers met kleine voeten zijn beter. Die van Garrincha zijn kinderachtig. Groot voetballer. Ik voelde me als een katholiek met een VIP Pasje voor het Vaticaan. Brazilianen weten hun Goden te eren.

 
Mario Filho, een journalist, naar wie het het sacrale voetbalhuis genoemd is, wint de prijs voor de mooiste voetbalquote: "het is moeilijker om de liefde voor een voetbalteam te beeindigen dan het stoppen met het liefhebben van een vrouw" . Ik mocht op het veld, het gras. Tot een rare Braziliaan - hoewel ik alle mogelijke pasjes en accreditaties in mijn bezit had - mij tierend van het heiligdom verjaagt. Mijn aarzelende "I am the nefew of Pol Van Himst" haalde niets uit. We zijn hier niet op SCUP Jette. 'S avond de halve finale (Vrouwen) Brazilië - Mexico aanschouwd.
2 - 0. Maracana halfvol. Mooi naief voetbal. "Marta", de nummer 10 van de Oestrogeen-Selecao, is Ronaldinho met (mini) borsten en ruimte. Zeëen.
In de tribunes was het zo mogelijk boeiender. Samba dansende deernes. Niet altijd mooi, wel zwoel. Mannen bewegen complexloos mee. Ik kan ze geen ongelijk geven. Evenveel rythme op het veld als ernaast. Flamengo, Vasco, Botafogo, Santos, Recife...alle clubs magistraal naast elkaar. Hier zou ik ook naar vrouwenvoetbal gaan.
 
Ik heb een kort interview van de verantwoordelijke voor het onderhoud van het heiligste gras afgenomen. Mijn eerste vraag "hoe voelt het om de belangrijkste job ter wereld te hebben?" wordt beantwoord met een stralende lach. Zonder woorden. "Wie is de beste voetballer die je hier ooit heb zien voetballen? " Antwoord: "Felipe van Flamengo". Opzoeken bij thuiskomst, noteer ik in schrift. Wat een stad. Alles, zo niet heel veel, in het teken van het voetbal en sport. In alle wijken, alle straten zijn er veldjes waar voortdurend op gevoetbald wordt.  
 
Gisteren is het Futsal (zaalvoetbal) toernooi begonnen. Normaal géén Pan Am discipline maar omdat de Brazilianen hier heel goed in zijn is het per grote uitzondering éénmalig ingevoerd. Land naar mijn hart. Pure magie gezien (ik zie alle voetbal in HD). FC Fidel met 8-0 naar huis gestuurd. De Cubanen hadden misschien honger. De bewegingen van de Carioca-ster, Falcao (jawel net als de voormalige AS Roma speler) zijn onbeschrijfelijk. Ik heb zin om hem na te doen op een pleintje, zoals vroeger, na het aanschouwen van Gerald Vanenburg.
 
Deze morgen heb ik Mister Joao Havelange mogen interviewen. One-On-One in prachtig, lijzig Frans. De ontmoeting vindt plaats in zijn statig, erg luxueus kantoor downtown Rio. Op het 21ste. Met huispersoneel. In de vergaderzaal enkele uitgestalde geschenken en foto's mogen bewonderen. Het bord van de "Royal Belgium Football Association" is opmerkelijk. Op het kleinood, in reliëf, "ons" bondsgebouw dat, o zo belgisch, lijkt op een uit haar voegen gebarste bungalow maar toch wel opvalt naast die rare Chileense schaal. De foto met Clinton en protégé Sepp Blatter, de oorkondes van ongeveer alle universiteiten van de wereld ademen autoriteit en erkenning uit. Joao Havelange, aan wie ik bijna een volledig hoofdstuk gewijd heb in "De Zomer van Mexico '86" is een statig man van 91, scherp van lichaam en geest (hij zwemt elke morgen een uur) rijgt de wijsheden aan elkaar. Wanneer ik hem herinner aan zijn Luikse roots, straalt hij. Een groot man. Niet van het soort dat de Marseillaise begint te zingen als de Belgen spelen. Michel D'Hooghe krijgt lof wegens de Casa Hogar. Ik vraag hem om goede raad. Het Belgisch voetbal moet gered worden. De grootmeester stuurt ons richting Congo. "Une ancienne colonie avec qui vous entretenez des liens étroits. Ils ont faim, ils veulent sortir de la pauvreté. Ils sont plus agiles, il ne sont pas comme nous mais il y a là un réservoir énorme de bons joueurs qui pourraient avoir la double nationalité" Timmy Simons zal het graag horen. Dat we niet aan Congo gedacht hebben? "vous êtes peu, 10 millions, la Hollande puise bien au Suriname, pourquoi pas la Belgique au Congo?" voegt hij snel toe. Mbokani Rode Duivel?
   
Zijn verklaringen over het voetbalbeleid (en sportbelied in het algemeen) zijn wijs "la passion est une chose, la gestion une autre". Hij somt de inkomsten van al "zijn" WK's op, in Euro's en dollars. Quel homme. Na afloop vraag ik of ik met hem op de foto mag. "Evidemment. l'honneur est tout pour moi".  En passant krijg ik nog een compliment voor mijn puike research. Ik antwoord, bijna hoogmoedig, dat dat niet echt nodig was gezien mijn liefde voor het spelletje (en passant vermelding van  boek) . Joao van Luik glimlacht lief, minzaam en bijna nederig. "Vous serez ici toujours chez vous". Nu mag ik stralen. Ik houd van de statigheid. Ik denk even aan het WK '78, toegewezen aan Videla, van beroep dictator (van Argentinië). Onder het River Plate Stadion in Buenos Aires, (een van de WK tempels destijds), net onder de kleedkamers, bevonden zich de grootste martelkamers bestemd voor dissidenten en opposanten. De Nederlanders hebben zelfs even geopperd niet naar Zuid-Amerika af te zakken. "La Passion est une chose, la gestion une autre". Ach, Argentina gaf de slangenmens (Rensenbrink) aan de wereld. Rotpaal.
Havelange, smaakvol, strak in het pak, hoopt 2010 (WK Zuid-Afrika) te halen. Nog een paar lengtes.
 
Morgen, als God het belieft, draai ik een portret van CR Flamengo, home of Zico, Tostao, Zagallo, Bebeto en Junior. Zo niet vergaap ik me aan de Futsal. Als dat niet lukt, loop ik achter ontbrekende tapes aan.
 
 
 
 

00:12 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: joao havelange |  Facebook |

19-07-07

De vibrator van Olliver K. en Michael B

De profclubs trainen weer. De eerste kleine voetbalverademing. Binnenkort verschijnen de officiële elftalfoto’s. Enkele dagen geleden ving ik een glimps op van het nieuwe shirt van Club Brugge. Club heeft een nieuwe kledingsponsor. Blauwzwart wordt weer géén kampioen. Het shirt is te lelijk. 

Ondertussen wordt er hard getraind en somtijds zelfs wat gevoetbald tegen onbeduidende provincieclubjes.  FC Brussels speelde al eens gelijk (3-3) op Ternat. Moeilijke verplaatsing, veel testspelers. Het stelt nog niets voor, de voorbereiding is nog lang. Ik blijf op zoek naar echt voebalnieuws. Tijdens het meestal frustrerend dagelijks ritueel, botste ik op een opmerkelijk bericht over de ex-trainer van Union St Gilloise, Joe Tshupula. Hij is onlangs vrijgesproken van verkrachting. De rechter gaf hem, bij gebrek aan bewijzen, het voordeel van de twijfel, twee zelfmoordpogingen van de aanklaagster ten spijt.

Voetbal en Gerecht onderhouden een innige band. Meestal wordt rechtspraak ingeroepen bij banale geschillen als geld en scheidingen, toch leidt het barokke universum der voetbalgoden bijwijlen tot erg originele geschillen. Zo werd de rebelse Braziliaanse woelwater Romario enkele jaren jaren geleden veroordeeld tot het betalen van een forse schadevergoeding aan het nationale trainersduo Mario Zagallo en Zico. Beide zijn iconen, untouchables. Ze hadden het aangedurfd om Romario uit de Seleçao te verwijderen voor het Wereldkampioenschap ‘98 in Frankrijk. De eergevoelige Romario zinde op blinde wraak. Hij liet de WC-deuren van zijn “Café Do Gol Sports” beschilderen met twee veelzeggende cartoons. De ene stelde een schijtende Zagallo voor en de andere een naakte Zico, toiletpapier in de hand. De deuren werden in beslag genomen.

Ernstiger zijn de akelige afluisterpraktijken van het bestuur van FC Internazionale Milano en sponsor Telecom Italia. Onlangs gaf Inter Voorzitter, multimiljardair en olie tycoon Massimo Moratti, toe dat hij in de periode 1999-2005 niet alléén de telefoon van steraanvaller Christian Vieri had laten afluisteren maar hem ook regelmatig had laten volgen. “Spooks” in Lombardije. Christian Vieri spande een rechtszaak in en eiste 14 miljoen euro morele schadevergoeding. Of hij ze gekregen heeft, weet ik niet. Het gerecht is traag op het schiereiland.

Olliver Kahn en Michael Ballack, Germaanse voetbalsterren, Teutonen die even sympatiek zijn als ze eruit zien, daagden de erotische winkels “Beate Uhse” voor het gerecht. Naar aanleiding van het WK in Duistland vorige zomer, bracht het bedrijf twee vibrators van 17 cm op de markt. De welluiddende modellen “Ollie K.” en “Michael B.” verkochten als zoete broodjes. Het succes was van korte duur. De op hun pik getrapte sterren konden zo veel eer niet smaken. De tuigen werden uit de handel gehaald en ze kregen 50.000 euro schadevergoeding. 17 Cm zou vele mannen met trots vervullen.

Duisters en humor, het komt nooit goed.

Ik snak naar voetbal. Nog vijf weken.

      

22:19 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vibrator |  Facebook |

24-06-07

Le Grand Jacques

Politiek en voetbal is een vervaarlijke combinatie. De voetbalwereld is gesloten, een microcosmos met eigen onuitgesproken wetten en rituelen. Voetbal verdraagt geen recuperatie.

De band tussen Jean-Luc Dehaene en Club Brugge is vanzelfsprekend en oprecht. Bourgondisch en provinciaals. Genieten van oeverloos gewroet in de modder, het lof der inzet, de ode aan oerkracht. Stedelijke klasse en branie worden verafschuwd. De loodgieter van Vilvoorde zit ook met hart en ziel op tribune tegen Dessel Sport, tweede ronde van de beker.

Patrick Janssens is een Kielse Rat. Hij houdt met aandoenlijke overgave van zijn club. Een keer ontspoorde de Burgemeester van Antwerpen. Patrick gaf een aftrap voor een wedstrijd van zijn grote liefde, Beerschot. Een capitale blunder. De meest humoristische harde kern van het land vervloekte hem meteen met een oorverdovend “Ratten stemmen rechts olé olé”. Supporters willen geen politici zien op een voetbalveld. Hun gras is heilig. Het behoort exclusief tot hun helden, de spelers. Bij Barcelona of Inter Milaan heb ik nooit ofte nimmer een politicus de heilige grond zien betreden, tenzij als onderdeel van een ceremonie. In echte voetballanden zitten Politici bedeesd en nederig in het stadion, al dan niet op de eretribune.

Bert Anciaux, minister van cultuur, sport en Brussel is wel eens te zien naast Johan Vermeersch, de Voorzitter van FC Brussels. Uitsluitend tijdens topwedstrijden wanneer tientallen camera’s draaien. De Brussels Boys, de harde kern, hebben eenmaal de eer gehad hem in hun midden te mogen ontvangen. Uit, bij partijgenoot Janssens, op Beerschot. De aanwezigheid van een cameraploeg van het FC Brussels magazine “Studs” zal wel toeval geweest zijn. Aan de andere zijde van Vermeersch zit soms eens Philippe Moureaux, Burgemeester van Molenbeek. Intrigerend beeld.

Zouden zij, ontmaagd van status, ook een seizoenskaart hebben?

Sta me toe hardop te twijfelen.  

Brussel Minister-President Charles Picqué is ook Burgemeester van St-Gillis. Of hij van voetbal houdt is niet geweten maar zo nu en dan bezoekt hij het Dudenpark. Onopvallend. Picqué misbruikt Union niet. Hij helpt zijn club, in alle stilte, vanuit zijn kabinet. Zijn collega Guy Vanhengel had, reeds Minister en lang daarvoor, een anoniem abonnement op RSC Anderlecht. Totdat hij, vanwege zijn status, op de ere-tribune verzeilde onder druk van de omgeving en Michel Verschueren. Oprecht.

Tony Blair, aftdredend Eerste Minister van Groot-Brittanië en wereldleider, huldigde dezelfde houding. Hij gebruikte de mooiste sport ter wereld zelden als communicatiemiddel. Tony was slim. Wanneer de BBC hem in november 2005 polst naar zijn drie geliefkoosde spelers uit de Premier League, kiest hij niet voor wereldsterren Thierry Henry (Arsenal), Steven Gerrard (Liverpool) of Frank Lampard (Chelsea). Tony Blair uit zijn liefde voor “meelopers” Steed Malbranque (Fulham), Arjan De Zeeuw (Portsmouth) en Teddy Sheringham (Aston Villa). Een intelligente uiting van bezieling. Herman Van Rompuy zit elke week discreet op Anderlecht. 

Zoals de voormalige Burgemeester van Anderlecht. Hij was present bij elke thuiswedstrijd van RSCA, meestal met zijn zoon. De eloquentste persoonlijkheid van de Brusselse politiek beleefde de wedstrijden zoals wij, de gewone stervelingen.

Monsieur Jacques Simonet is een sportingboy, voor eeuwig.

13:56 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jacques simonet |  Facebook |