26-08-08

verhuisd

ik ben verhuisd naar http://davidsteegen.blogspot.com

 

16:46 Gepost door David Steegen in Web | Permalink | Commentaren (1) | Tags: verhuisd |  Facebook |

caffè al dente

mag ik u acffé al dente ten stelligste aanraden.

Fijn eten, fijne wijnen en super mensen!

si mangia è si beve

www.caffealdente.com in Ukkel (rue Doyenné)

16:30 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: top ristorante enoteca |  Facebook |

24-08-08

Willy S.

Willy wie?

 

16:35 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: willy s |  Facebook |

18-08-08

SEXUAL HEALING

Een zomerdag in België. Zaterdag 16 augustus 2008. Op de middag schakelen de Olympsiche Duivels Italië uit. Stedelijke branie haalt het van de opvolgers van Materazzi, Cannavaro en Del Piero. Moussa Dembele, de Malinese Sinjoor, Faris Haroun, de ket van Jette,  te vroeg uitgespuwd door KRC Genk, en hun vrienden veroveren de harten van alle voetballiefhebbers. Eindelijk wat licht op het einde van de trosteloze Belgische voetbaltunnel. Om de triomf te vieren aperitieven we in “Café D’Ostende” aan het Mijnplein, alwaar een stel Brusselaars hhoghartig de rekening weigert te betalen. Ik schaam me dood. Ze worden door de politie ontzet. Terecht. De eigenaar, Danny, is geen doetje. Hij is de neef van de legendarische Freddy Cousaert. De part-time concert promotor redde, begin jaren tachtig, Marvin Gaye van de ondergang door hem anderhalf jaar in Oostende op te vangen. Marvin Gaye bedankte door “sexual healing” in de badstad te componeren. Een evergreen. James Gandolfini, alias Tony Soprano, zou het levensverhaal van Marvin Gaye regisseren en de rol vertolken van zijn Belgische beschermheer. James wordt Freddy.

Diezelfde avond maken ik me op om, met vrouw en kinderen, het Jan Breydel stadion te trotseren. Cercle Brugge – RSC Anderlecht, ook al een klassieker. Franky Carlier, ex-voetballer en Cerclist, de ontdekker van Josip Weber en Eddy Krncvic, zucht. “Zijn” Cercle verliest. Jelle (Vandamme) is een cultheld aan het worden. De harde kernen van beide verenigingen zingen unisono tegen de “Club”, het vermaledijde blauwzwart. Anderlecht en Cercle hebben veel gemeen. Krncvic, Olsen, Weber, Wim Kooiman en Benny Nielsen en de goede manieren. Na de 0 -3 keer ik met mijn familie terug naar Oostende, Brussel in het klein. Mijn vrouw legt de kinderen te slapen. Ik parkeer de wagen. Onderweg passeer ik de drukke Sint-Paulus feesten. “Fisher Z”, new wave uit lang vervlogen tijden, is “top of the bill”. Ze sluiten de de festiviteiten af. Gratis en voor niets. Ze kunnen een feestje bouwen, daar aan de kust. Jeugdsentiment en nostalgie wellen op. Ik sms mijn vrouw. Ze vervoegt me. “So Long” en “The Worker” worden arm-in-arm weemoedig in ons opgenomen, in de schaduw van café Sint-Michiel, het Oostends supporters café van RSCA. Pure romantiek. De volmaakte avond.   

Na het concert drinken we een laatste in Café “Costa Blanca”. Volkser, en dus (h)echter kan niet. Guy, de bijna tandeloze barman is een rasechte Brusselaar van de “rue haute”. Drieentwintig jaar geleden liet hij “door omstandigheden” de hoofdstad achter zich. Hij werkte in de “Le Roy d’Espagne” en “La Chaloupe”. Guy krijgt de tranen in de ogen als hij het vertelt. Alsof Brussel aan de andere kant van de wereld ligt. Even later ontmoet ik Aldo. Oostendenaar en supporter van Standard. Hij voetbalde ooit voor KV Oostende. De periode na de hoogdagen van Swietek, Janik en Lycke. KVO Europees. Nu is hij kok. Zijn voornaam werd toegewezen door zijn Italiaanse Grootmoeder. Hij bezit een huisje in Costa-Rica en hoopt er ooit een restaurant te openen, veel te surfen en er een gezin te stichten.

Zijn vriendin lijkt sprekend op de mysterieuze Nico. De mythische Duitse zangeres van de Velvet Underground. Al alles goed komt, krijgen ze prachtige kinderen. Verrijkende ontmoetingen, interessante mensen en mooie gesprekken. Het lijkt Brussel wel. Oostende is van de wereld.

Gelukkig en voldaan keren we terug naar ons appartementje.

“Sexual Healing”. Maar eerst deze column afwerken.

14:38 Gepost door David Steegen in Muziek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: oostende, cafe d ostend |  Facebook |

GILDE DE BILDE EN JOHN HARVARD

Het tussenseizoen is een zegen. Na het laatste fluitsignaal van het voetbaljaargang vallen alle spanningen weg. Géén nerveus nagelbijten méér, géén woedeaanvallen méér, de obsessionele queeste naar tickets voor de uitwedstrijden van de geliefde club houdt op, de met bierovergoten triomfen zijn voorbij, afspraken aan tankstations met gelijkgestemden onderweg naar Dender en Waregem behoren even tot het recent verleden.

Supporter zijn is slopend. Vierendertig weken balanceren op de meest uiteenlopende emoties.  Europa- en andere bekercampagnes niet meegerekend.

Ik ben wéér voltijds vader en echtgenoot. Vakantie.

De sportonderwerpen van kranten en andere media beperken zich tot tennis zonder Justine Henin, Tom Boonenloos wielrennen en de voorbereiding van de Olympische Spelen. De Spelen zijn puur amusement, interessante. De Spelen zijn ontspannend. Sprinten, zwemmen en wat voetbal. Boogschieten en hinkstapspringen laat ik aan mij voorbij gaan. De aanwezigheid van Georges Bush op de openingsceremonie is even groot nieuws als de titularisatie van Anthony Vanden Borre in de Olympische voetbalploeg of de vorm van zeiler Sébastien Godfroid. We zien allemaal wel.

In afwachting vier ik vakantie in Amerika. Boston is een ontdekking. Een mooie en aangename stad met veel gevoel voor marketing en humor. De “Freedom Trail” (de weg van de vrijheid) is een aanrader. Het goed georganiseerd parcours brengt de bezoeker langs alle belangrijke historische gebouwen en betekenisvolle landmarks. Het discours is leerrijk en boeiend. We leren dat Boston aan de wieg ligt van de Verenigde Staten. De haard van het verzet tegen de Britten. De stad van de Kennedy’s en sitcom “Cheers”. De bakermat van het Vrije Denken. Een torenhoog gebouw kondigt de 275ste verjaardag van de Vrijmetselaars van Boston aan. Het centrum van de wetenschap en de opleiding. De befaamde Massachussets Institute of Technology (MIT) en Harvard, de oudste universiteit van de Nieuwe Wereld. Acteur Tommy Lee Jones en voormalig vice-president en groene jongen Al Gore waren er kamergenoten. Matt Dillon studeerde net niet af. We laven ons aan de anecdotes. Het verhaal van John Harvard, een kerkelijk man die “The New College” - zoals de school aanvankelijk heette - leidde. De vrome man was Directeur geweest van The Saint Olave’s Grammar school in Orpington, Engeland. Na zijn heengaan schonk hij vierhonderd boeken en 750 pond sterling aan “The New College”. De negen studenten tellende school zijn hem zo dankbaar dat ze de instelling tot “The Harvard University” omdoopten. Boston is ook trots op zijn sportclubs. De “Red Sox”, het baseball team, en de “Celtics”, de basketkampioen. De vele toeristenwinkels- en kraampjes verkopen massa’s merchandising, talloze foto’s en posters van alle sporthelden en de clubs van de stad. Ook de tegenstanders komen aan bod. Larry Bird, icoon van de “Celtics”, staat broederlijk naast Michael Jordan van de “Chicago Bulls”. Een glimlachende Gilles De Bilde ingekaderd naast Gert Verheyen in een Brusselse toeristenwinkel? I don’t think so.

Op het einde van de wandeling schakel ik mijn telefoon in. Tientallen berichten uit Brussel en omstreken stromen binnen. Anderlecht verliest met 1-2 van het onooglijke FC Bate Borisov. Ik vloek en zweet. Het hart slaat ongewild op drift. De kinderen schrikken.

De vakantie is voorbij. Hoog tijd om naar huis te gaan.

  

14:37 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: gilles de bilde |  Facebook |

BRUXELLES MIDI

Een zomerse – nu ja - vrijdagavond, zeven uur. Ik kom te vroeg aan in het Zuid-Station. Enkele daklozen liggen hun roes uit te slapen op de natte tegels van een van de brede inkomhallen aan de achterzijde, kant Frankrijkstraat. Een jonge, potige en erg dronken Afrikaanse vrouw ontlast zich openlijk tegenover de haveloze slapers. Ik schrik en versnel mijn pas, springend over het kortstondig riviertje. Ik kijk laf weg van het haast middeleeuws tafereel. Zoveel menselijke treurnis, zoveel ellende op enkele vierkante meters. Het lijkt een tafereel uit een roman van Emile Zola.

Ik haast me naar de grote hal. Ik ga koffie drinken terwijl ik op mijn achtjarige dochter wacht die, gelukkig begeleid, van de kust komt.

Het vernieuwde Zuid-Station mag er best zijn. Mooie winkelcentra, bloeiende horecazaken en een vlotte verbinding met het openbaar vervoer. Het station past als gegoten bij een wereldstad als Brussel. Een fraaie toegangspoort naar andere Europse grootsteden als London en Parijs.

De ligging van “Sam’s café” biedt een overzichtelijk uitzicht over de drukte in de enorme centrale hal. Pendelaars, rugzak- en andere toeristen, groepjes jongeren en arme drommels defileren al dan niet gejaagd voor mijn tafeltje. Na een tiental minuten zie ik de Afrikaanse dronken vrouw zwalpend telefoneren. Ze valt mensen lastig en stoot verschrikte reizigers aan. Ik duik mijn sporttijdschrift weer in. Oogcontact vermijdend.

Ik lees dat het Brussels Gewest een groot aantal atleten naar Peking afvaardigt. Méér dan één op vijf Belgische atleten is in een Brusselse gemeenten geboren. 21 van de 96 topsporters is Brusselaar. Één tiende zou logischer zijn. Brussel is niet uitsluitend een stad van behoeftigen en Eurocraten. De auteur van het artikel, van oorsprong een ninovieter, is bij ons blijven hangen. Mensen als Geert Foutré zijn een zegen voor de stad. Velen ontvluchten de hoofdstad na de hogere studies, een periode van nieuwsgierigheid, genot en zelfbevestiging. Sommigen blijven. Gelukkig maar.   

We mogen trots zijn op Anthony Vanden Borre, Faris Haroun en Vincent Kompany (Olympische voetbalploeg), de familie Borlée (atletiek) en de vele Brusselse hockeyspelers die de natie met hart en ziel vertegenwoordigen.

Daar valt echter niets van te merken in het Zuid Station, een “landmark” waar dagelijks duizenden bezoekers langskomen. Noch elders. De “Midi” is vuil, smerig en groezelig. Waarom verstoppen we onze sporthelden voor de buitenwereld? Vincent Kompany beschouwt het als een eer om als Brusselaar in Bejing te mogen presteren. Zijn werkgever, de Duitse topclub Hamburg SV, eist hem terug na twee wedstrijden. Kompany heeft daar lak aan en wil blijven.

“Bruxelles- Midi” zou aangekleed moeten zijn met de beeltenis van al onze lokale helden. Ze zijn groot in België, bekend in het buitenland maar miskend in Brussel. We zijn méér dan Kriek, het Atomium en de Basiliek van Koekelberg (Waar overigens ook niets van te merken is).

Het wordt de hoogste tijd dat we trots en assertief de stad en haar helden promoten op plaatsen waar we dagelijks bezoek krijgen van buitenaf. In Stations, luchthavens en andere publieke plaatsen.

Maar eerst toch even de hoge druk reiniger uit de garage halen. 

 

  

  

14:36 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: olympics |  Facebook |