27-01-08

IN DE NAAM VAN DE VADER

Vader kwam regelmatig naar mijn voetbalwedstrijden kijken. Een kwartier na de aftrap verscheen hij op de vervallen tribune. Voor het eindsignaal was hij allang weer verdwenen. Lof kreeg ik zelden. Negatieve opmerkingen sneden door merg en been. Zolang ik genoot was het allang goed. Zonen spelen om hun vader te behagen. Nu ik zelf sportende kinderen heb, begrijp ik hem beter.Een goede vriend heeft een zoon, een twaalfjarige Brusselse ket, opgroeiend in de stedelijke verscheidenheid. De jongen kan voetballen, is technisch sterk en speelt met branie en overgave. Dat helpt om te overleven op de Noord-Brusselse pleintjes. Vorig seizoen werd hij weggeplukt door een vierdeklasser waar hij de pannen van het dak speelt. Zijn vader ondergaat wekelijks overdreven lof en hatelijke jaloezie. Het is niet makkelijk als je wat talent hebt. Vraag maar aan Pierre Kompany. Mijn vriend kijkt lijdzaam toe en houdt zich zo afzijdig mogelijk van het Freudiaans gewoel. Zoonlief wordt op een rustige en nuchtere wijze bijgestaan. Daar ben ik de eerste getuige van. Onredelijke emoties en misplaatste vaderlijke projectie worden vermeden. Hij vertelt me regelmatig over de onwelvoeglijkheid van vele andere vaders rond de jeugdvelden. Scheldend en onwezenlijk agressief. De ergste zijn de mannen waarvan de zonen van Ronaldinho, Kakà en Robinho houden maar hen in géén honderd jaar zullen benaderen. Erger nog, vaders die hun eigen frustraties en nooit geconsumeerde dromen op hun onschuldige zonen projecteren. De druk op de jongetjes is wreed en neigt naar kindermishandeling. Vorige woensdag was ik te gast op het Gala van de Gouden Schoen. Kijkers en zaalpubliek kregen drie emotionele filmpjes te verwerken. Televisie. De vader van winnaar Steven Defour vertelde met trillende stem dat hij aan de jeugdtrainers van zijn zoon vroeg om hem “onder zijn voeten te geven wanneer hij slecht bezig was”. Hij had jarenlang bijgeklust om de voetbalverplaatsingen te kunnen betalen. De moeder van de jonge Argentijn van Anderlecht Luca Biglia, snikte dat ze hem miste, dat hij zijn eerste voetbalgeld afstond om de familie een beter leven te geven. Dat hij van kleinsaf heel speciaal was. Leuk voor zijn broers en zus. Biglia keek toe en weende, overmand door heimwee en peinzend aan de vele ontberingen om Profvoetballer te worden. Brusselaar Marouane Fellaini zag dan weer zijn vader toegeven dat hij zijn eigen voetbalcarrière gemist had. Zijn talentrijke zoon moest en zou hem overtreffen. Dat is intussen gebeurd. Marouane is international, sterkhouder van Standard en wordt gegeerd door buitenlandse topclubs. Extra trainingen, verplicht hardlopen van en naar school, door weer en wind, achter zijn fietsende vader rennen totdat hij niet meer kon hebben Marouane staalhard gemaakt. Alles stond in het teken van zijn loopbaan. Zijn broers vertelden over de vele verhuizingen naar de omgeving van de clubs waar Marouanne voor voetbalde. Merci papa. Fellaini werd zevende op de ranglijst van de gouden schoen. Tijdens de receptie word ik plots aangesproken door een licht aangeschoten Fellaini senior. Indrukwekkend man. “hoe kan het dat Marouane maar Zevende werd? Wat een gebrek aan respect. World Soccer plaatst hem in de topvijf van Europa, wat een schande...”  ratelt hij. Na de monoloog van een halfuur neemt een franstalige journalist het van mij over. Gelukkig. Ik ben blij voor Marouanne Fellaini en zijn broers dat hij het gehaald heeft.

13:55 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fellaini en defour |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.