24-06-07

Le Grand Jacques

Politiek en voetbal is een vervaarlijke combinatie. De voetbalwereld is gesloten, een microcosmos met eigen onuitgesproken wetten en rituelen. Voetbal verdraagt geen recuperatie.

De band tussen Jean-Luc Dehaene en Club Brugge is vanzelfsprekend en oprecht. Bourgondisch en provinciaals. Genieten van oeverloos gewroet in de modder, het lof der inzet, de ode aan oerkracht. Stedelijke klasse en branie worden verafschuwd. De loodgieter van Vilvoorde zit ook met hart en ziel op tribune tegen Dessel Sport, tweede ronde van de beker.

Patrick Janssens is een Kielse Rat. Hij houdt met aandoenlijke overgave van zijn club. Een keer ontspoorde de Burgemeester van Antwerpen. Patrick gaf een aftrap voor een wedstrijd van zijn grote liefde, Beerschot. Een capitale blunder. De meest humoristische harde kern van het land vervloekte hem meteen met een oorverdovend “Ratten stemmen rechts olé olé”. Supporters willen geen politici zien op een voetbalveld. Hun gras is heilig. Het behoort exclusief tot hun helden, de spelers. Bij Barcelona of Inter Milaan heb ik nooit ofte nimmer een politicus de heilige grond zien betreden, tenzij als onderdeel van een ceremonie. In echte voetballanden zitten Politici bedeesd en nederig in het stadion, al dan niet op de eretribune.

Bert Anciaux, minister van cultuur, sport en Brussel is wel eens te zien naast Johan Vermeersch, de Voorzitter van FC Brussels. Uitsluitend tijdens topwedstrijden wanneer tientallen camera’s draaien. De Brussels Boys, de harde kern, hebben eenmaal de eer gehad hem in hun midden te mogen ontvangen. Uit, bij partijgenoot Janssens, op Beerschot. De aanwezigheid van een cameraploeg van het FC Brussels magazine “Studs” zal wel toeval geweest zijn. Aan de andere zijde van Vermeersch zit soms eens Philippe Moureaux, Burgemeester van Molenbeek. Intrigerend beeld.

Zouden zij, ontmaagd van status, ook een seizoenskaart hebben?

Sta me toe hardop te twijfelen.  

Brussel Minister-President Charles Picqué is ook Burgemeester van St-Gillis. Of hij van voetbal houdt is niet geweten maar zo nu en dan bezoekt hij het Dudenpark. Onopvallend. Picqué misbruikt Union niet. Hij helpt zijn club, in alle stilte, vanuit zijn kabinet. Zijn collega Guy Vanhengel had, reeds Minister en lang daarvoor, een anoniem abonnement op RSC Anderlecht. Totdat hij, vanwege zijn status, op de ere-tribune verzeilde onder druk van de omgeving en Michel Verschueren. Oprecht.

Tony Blair, aftdredend Eerste Minister van Groot-Brittanië en wereldleider, huldigde dezelfde houding. Hij gebruikte de mooiste sport ter wereld zelden als communicatiemiddel. Tony was slim. Wanneer de BBC hem in november 2005 polst naar zijn drie geliefkoosde spelers uit de Premier League, kiest hij niet voor wereldsterren Thierry Henry (Arsenal), Steven Gerrard (Liverpool) of Frank Lampard (Chelsea). Tony Blair uit zijn liefde voor “meelopers” Steed Malbranque (Fulham), Arjan De Zeeuw (Portsmouth) en Teddy Sheringham (Aston Villa). Een intelligente uiting van bezieling. Herman Van Rompuy zit elke week discreet op Anderlecht. 

Zoals de voormalige Burgemeester van Anderlecht. Hij was present bij elke thuiswedstrijd van RSCA, meestal met zijn zoon. De eloquentste persoonlijkheid van de Brusselse politiek beleefde de wedstrijden zoals wij, de gewone stervelingen.

Monsieur Jacques Simonet is een sportingboy, voor eeuwig.

13:56 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jacques simonet |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.