26-08-08

verhuisd

ik ben verhuisd naar http://davidsteegen.blogspot.com

 

16:46 Gepost door David Steegen in Web | Permalink | Commentaren (1) | Tags: verhuisd |  Facebook |

caffè al dente

mag ik u acffé al dente ten stelligste aanraden.

Fijn eten, fijne wijnen en super mensen!

si mangia è si beve

www.caffealdente.com in Ukkel (rue Doyenné)

16:30 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: top ristorante enoteca |  Facebook |

24-08-08

Willy S.

Willy wie?

 

16:35 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: willy s |  Facebook |

18-08-08

SEXUAL HEALING

Een zomerdag in België. Zaterdag 16 augustus 2008. Op de middag schakelen de Olympsiche Duivels Italië uit. Stedelijke branie haalt het van de opvolgers van Materazzi, Cannavaro en Del Piero. Moussa Dembele, de Malinese Sinjoor, Faris Haroun, de ket van Jette,  te vroeg uitgespuwd door KRC Genk, en hun vrienden veroveren de harten van alle voetballiefhebbers. Eindelijk wat licht op het einde van de trosteloze Belgische voetbaltunnel. Om de triomf te vieren aperitieven we in “Café D’Ostende” aan het Mijnplein, alwaar een stel Brusselaars hhoghartig de rekening weigert te betalen. Ik schaam me dood. Ze worden door de politie ontzet. Terecht. De eigenaar, Danny, is geen doetje. Hij is de neef van de legendarische Freddy Cousaert. De part-time concert promotor redde, begin jaren tachtig, Marvin Gaye van de ondergang door hem anderhalf jaar in Oostende op te vangen. Marvin Gaye bedankte door “sexual healing” in de badstad te componeren. Een evergreen. James Gandolfini, alias Tony Soprano, zou het levensverhaal van Marvin Gaye regisseren en de rol vertolken van zijn Belgische beschermheer. James wordt Freddy.

Diezelfde avond maken ik me op om, met vrouw en kinderen, het Jan Breydel stadion te trotseren. Cercle Brugge – RSC Anderlecht, ook al een klassieker. Franky Carlier, ex-voetballer en Cerclist, de ontdekker van Josip Weber en Eddy Krncvic, zucht. “Zijn” Cercle verliest. Jelle (Vandamme) is een cultheld aan het worden. De harde kernen van beide verenigingen zingen unisono tegen de “Club”, het vermaledijde blauwzwart. Anderlecht en Cercle hebben veel gemeen. Krncvic, Olsen, Weber, Wim Kooiman en Benny Nielsen en de goede manieren. Na de 0 -3 keer ik met mijn familie terug naar Oostende, Brussel in het klein. Mijn vrouw legt de kinderen te slapen. Ik parkeer de wagen. Onderweg passeer ik de drukke Sint-Paulus feesten. “Fisher Z”, new wave uit lang vervlogen tijden, is “top of the bill”. Ze sluiten de de festiviteiten af. Gratis en voor niets. Ze kunnen een feestje bouwen, daar aan de kust. Jeugdsentiment en nostalgie wellen op. Ik sms mijn vrouw. Ze vervoegt me. “So Long” en “The Worker” worden arm-in-arm weemoedig in ons opgenomen, in de schaduw van café Sint-Michiel, het Oostends supporters café van RSCA. Pure romantiek. De volmaakte avond.   

Na het concert drinken we een laatste in Café “Costa Blanca”. Volkser, en dus (h)echter kan niet. Guy, de bijna tandeloze barman is een rasechte Brusselaar van de “rue haute”. Drieentwintig jaar geleden liet hij “door omstandigheden” de hoofdstad achter zich. Hij werkte in de “Le Roy d’Espagne” en “La Chaloupe”. Guy krijgt de tranen in de ogen als hij het vertelt. Alsof Brussel aan de andere kant van de wereld ligt. Even later ontmoet ik Aldo. Oostendenaar en supporter van Standard. Hij voetbalde ooit voor KV Oostende. De periode na de hoogdagen van Swietek, Janik en Lycke. KVO Europees. Nu is hij kok. Zijn voornaam werd toegewezen door zijn Italiaanse Grootmoeder. Hij bezit een huisje in Costa-Rica en hoopt er ooit een restaurant te openen, veel te surfen en er een gezin te stichten.

Zijn vriendin lijkt sprekend op de mysterieuze Nico. De mythische Duitse zangeres van de Velvet Underground. Al alles goed komt, krijgen ze prachtige kinderen. Verrijkende ontmoetingen, interessante mensen en mooie gesprekken. Het lijkt Brussel wel. Oostende is van de wereld.

Gelukkig en voldaan keren we terug naar ons appartementje.

“Sexual Healing”. Maar eerst deze column afwerken.

14:38 Gepost door David Steegen in Muziek | Permalink | Commentaren (1) | Tags: oostende, cafe d ostend |  Facebook |

GILDE DE BILDE EN JOHN HARVARD

Het tussenseizoen is een zegen. Na het laatste fluitsignaal van het voetbaljaargang vallen alle spanningen weg. Géén nerveus nagelbijten méér, géén woedeaanvallen méér, de obsessionele queeste naar tickets voor de uitwedstrijden van de geliefde club houdt op, de met bierovergoten triomfen zijn voorbij, afspraken aan tankstations met gelijkgestemden onderweg naar Dender en Waregem behoren even tot het recent verleden.

Supporter zijn is slopend. Vierendertig weken balanceren op de meest uiteenlopende emoties.  Europa- en andere bekercampagnes niet meegerekend.

Ik ben wéér voltijds vader en echtgenoot. Vakantie.

De sportonderwerpen van kranten en andere media beperken zich tot tennis zonder Justine Henin, Tom Boonenloos wielrennen en de voorbereiding van de Olympische Spelen. De Spelen zijn puur amusement, interessante. De Spelen zijn ontspannend. Sprinten, zwemmen en wat voetbal. Boogschieten en hinkstapspringen laat ik aan mij voorbij gaan. De aanwezigheid van Georges Bush op de openingsceremonie is even groot nieuws als de titularisatie van Anthony Vanden Borre in de Olympische voetbalploeg of de vorm van zeiler Sébastien Godfroid. We zien allemaal wel.

In afwachting vier ik vakantie in Amerika. Boston is een ontdekking. Een mooie en aangename stad met veel gevoel voor marketing en humor. De “Freedom Trail” (de weg van de vrijheid) is een aanrader. Het goed georganiseerd parcours brengt de bezoeker langs alle belangrijke historische gebouwen en betekenisvolle landmarks. Het discours is leerrijk en boeiend. We leren dat Boston aan de wieg ligt van de Verenigde Staten. De haard van het verzet tegen de Britten. De stad van de Kennedy’s en sitcom “Cheers”. De bakermat van het Vrije Denken. Een torenhoog gebouw kondigt de 275ste verjaardag van de Vrijmetselaars van Boston aan. Het centrum van de wetenschap en de opleiding. De befaamde Massachussets Institute of Technology (MIT) en Harvard, de oudste universiteit van de Nieuwe Wereld. Acteur Tommy Lee Jones en voormalig vice-president en groene jongen Al Gore waren er kamergenoten. Matt Dillon studeerde net niet af. We laven ons aan de anecdotes. Het verhaal van John Harvard, een kerkelijk man die “The New College” - zoals de school aanvankelijk heette - leidde. De vrome man was Directeur geweest van The Saint Olave’s Grammar school in Orpington, Engeland. Na zijn heengaan schonk hij vierhonderd boeken en 750 pond sterling aan “The New College”. De negen studenten tellende school zijn hem zo dankbaar dat ze de instelling tot “The Harvard University” omdoopten. Boston is ook trots op zijn sportclubs. De “Red Sox”, het baseball team, en de “Celtics”, de basketkampioen. De vele toeristenwinkels- en kraampjes verkopen massa’s merchandising, talloze foto’s en posters van alle sporthelden en de clubs van de stad. Ook de tegenstanders komen aan bod. Larry Bird, icoon van de “Celtics”, staat broederlijk naast Michael Jordan van de “Chicago Bulls”. Een glimlachende Gilles De Bilde ingekaderd naast Gert Verheyen in een Brusselse toeristenwinkel? I don’t think so.

Op het einde van de wandeling schakel ik mijn telefoon in. Tientallen berichten uit Brussel en omstreken stromen binnen. Anderlecht verliest met 1-2 van het onooglijke FC Bate Borisov. Ik vloek en zweet. Het hart slaat ongewild op drift. De kinderen schrikken.

De vakantie is voorbij. Hoog tijd om naar huis te gaan.

  

14:37 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: gilles de bilde |  Facebook |

BRUXELLES MIDI

Een zomerse – nu ja - vrijdagavond, zeven uur. Ik kom te vroeg aan in het Zuid-Station. Enkele daklozen liggen hun roes uit te slapen op de natte tegels van een van de brede inkomhallen aan de achterzijde, kant Frankrijkstraat. Een jonge, potige en erg dronken Afrikaanse vrouw ontlast zich openlijk tegenover de haveloze slapers. Ik schrik en versnel mijn pas, springend over het kortstondig riviertje. Ik kijk laf weg van het haast middeleeuws tafereel. Zoveel menselijke treurnis, zoveel ellende op enkele vierkante meters. Het lijkt een tafereel uit een roman van Emile Zola.

Ik haast me naar de grote hal. Ik ga koffie drinken terwijl ik op mijn achtjarige dochter wacht die, gelukkig begeleid, van de kust komt.

Het vernieuwde Zuid-Station mag er best zijn. Mooie winkelcentra, bloeiende horecazaken en een vlotte verbinding met het openbaar vervoer. Het station past als gegoten bij een wereldstad als Brussel. Een fraaie toegangspoort naar andere Europse grootsteden als London en Parijs.

De ligging van “Sam’s café” biedt een overzichtelijk uitzicht over de drukte in de enorme centrale hal. Pendelaars, rugzak- en andere toeristen, groepjes jongeren en arme drommels defileren al dan niet gejaagd voor mijn tafeltje. Na een tiental minuten zie ik de Afrikaanse dronken vrouw zwalpend telefoneren. Ze valt mensen lastig en stoot verschrikte reizigers aan. Ik duik mijn sporttijdschrift weer in. Oogcontact vermijdend.

Ik lees dat het Brussels Gewest een groot aantal atleten naar Peking afvaardigt. Méér dan één op vijf Belgische atleten is in een Brusselse gemeenten geboren. 21 van de 96 topsporters is Brusselaar. Één tiende zou logischer zijn. Brussel is niet uitsluitend een stad van behoeftigen en Eurocraten. De auteur van het artikel, van oorsprong een ninovieter, is bij ons blijven hangen. Mensen als Geert Foutré zijn een zegen voor de stad. Velen ontvluchten de hoofdstad na de hogere studies, een periode van nieuwsgierigheid, genot en zelfbevestiging. Sommigen blijven. Gelukkig maar.   

We mogen trots zijn op Anthony Vanden Borre, Faris Haroun en Vincent Kompany (Olympische voetbalploeg), de familie Borlée (atletiek) en de vele Brusselse hockeyspelers die de natie met hart en ziel vertegenwoordigen.

Daar valt echter niets van te merken in het Zuid Station, een “landmark” waar dagelijks duizenden bezoekers langskomen. Noch elders. De “Midi” is vuil, smerig en groezelig. Waarom verstoppen we onze sporthelden voor de buitenwereld? Vincent Kompany beschouwt het als een eer om als Brusselaar in Bejing te mogen presteren. Zijn werkgever, de Duitse topclub Hamburg SV, eist hem terug na twee wedstrijden. Kompany heeft daar lak aan en wil blijven.

“Bruxelles- Midi” zou aangekleed moeten zijn met de beeltenis van al onze lokale helden. Ze zijn groot in België, bekend in het buitenland maar miskend in Brussel. We zijn méér dan Kriek, het Atomium en de Basiliek van Koekelberg (Waar overigens ook niets van te merken is).

Het wordt de hoogste tijd dat we trots en assertief de stad en haar helden promoten op plaatsen waar we dagelijks bezoek krijgen van buitenaf. In Stations, luchthavens en andere publieke plaatsen.

Maar eerst toch even de hoge druk reiniger uit de garage halen. 

 

  

  

14:36 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: olympics |  Facebook |

13-07-08

EEN STADION IN BRUSSEL

De culturele sector geniet in Vlaanderen drie maal meer overheidsteun dan de sportwereld. Het is niet anders in Brussel. De discrepantie is fundamenteel oneerlijk. Sport, in de brede zin, beroert, zowel actief als passief, minstens duizend maal méér mensen dan de culturele sector. Ouders zijn gerust wanneer hun kinderen voetballen, hockey spelen of aan atletiek doen. Volmaakte educatieve opvang. Ik begeef me op glad ijs. Soit. Jongetjes dromen van Kakà en Ronaldinho. Meisje van Clijsers en Henin. Niet van Perceval en Shakespeare.Méér dan twintig duizend mensen zijn bereid om jaarlijks gemiddeld 300 euro te betalen om  RSC Anderlecht een seizoen lang thuis te zien voetballen. Boussouffa en Vlcek. Bedragen waar de Koninklijke Vlaamse Schouwburg en de Ancienne Belgique alléén maar van kunnen dromen. Met het budget dat de Zinneke Parade jaarlijks krijgt van hogerhand – jawel, helemaal gefinancierd met uw en mijn geld – kan men op enkele jaren tijd de Rolls Royce der stadions bouwen in de hoofdstad van Europa. De Parade meandert één maal per jaar door de stad. Dit weekend kwam ik een oude schoolkameraad tegen. Na méér dan twintig jaar. Samen speelden we voetbal in de wijk en op de club, Sporting Club Union Progrès Jette. Hij liet inmiddels de hoofdstad achter zich en woont veilig in de rand. We lachten een nacht lang nostalgisch om de kleedkamer- en wedstrijd herinneringen. Die keer dat onze Brussels-Congoleze ploegmakker ons een lading porno boekjes wilde slijten. Tien frank stuk. De broers uit Sardinië, de fratelli Cubiddu, wiens vader een ijssalon uitbaatte op het Sint-Anna plein in Koekelberg, kochten de lading op. Eén voor allen, allen voor één. De authentieke Brusselse vezel. Eendrachtig in de verscheidenheid. Tijdloze verbondenheid dankzij sport. Daar kan géén toneelstuk of concert tegenop.Ons stadsgewest is ziek. De hoofdstad van Europa zal binnen de tien jaar géén UEFA Cup- noch een Champions League finale kunnen organiseren. Bij gebrek aan infrastructuur. Luik, waar de lokale overheid wèl bijspringt, zal de loef afsteken. Brussels, shame on you. De hoofdstad investeert liever in culturele activiteiten en tempels. Elitaire incest. Steeds weer hetzelfde kringetje ingewijden. De Cubiddu's zijn nog nog nooit naar de KVS gegaan. Honderd vleermuizen op nog géén honderd meter van de ring, enkele volkstuintjes, een sluikstort in het Laarbeekbos en communautair getouwtrek zullen het einde van een gezellige derde provincialer inluiden. Ritterklub Jette is ten dode opgeschreven. Een club waar allochtoontjes thuis zijn – méér dan vijftig procent van het contingent jeugdspelertjes -, een gemeenschap die méér dan vijfhonderd mensen bijna dagelijks verzamelt. Ritterklub Jette is het slachtoffer van kortzichtigheid en bestuurlijke dwaasheid. Brussel is géén sportstad. We vaardigen een aantal atleten naar de Olympische spelen in Beijing af en we herbergen de grootste club van het land. Het mag niet deren. De socio-culturele VZW’s zullen steeds weer overwinnen. Was Ritterklub een theatergezelschap, het probleem zou allang opgelost zijn. Gauw een Zinneke Arena, aub. 

20:31 Gepost door David Steegen in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: het stadion van brussel |  Facebook |

de gouden ketjes

De Gouden Ketjes 2008 zijn donderdag met grote luister uitgereikt in de Ancienne Belgique. Ik mocht het podium op om het Gouden Ketje Sport te overhandigen. een hele eer. De organisatie was ambitieus en professioneel. Ik kan het niet genoeg benadrukken: Sporten in groepsverband is heilzaam voor de versterking van het stedelijk sociaal weefsel. Op een sportterrein is iedereen gelijk. Daarom was ik, samen met mijn collega juryleden, erg opgezet met de winnaar. “Friends & Scream United” is een sportclub voor kinderen en volwassenen die niet bij een gewone sportclub terecht kunnen. “Mens Sana en Corpore sano” moet voor iedereen haalbaar zijn. Dat vonden Charles Roos en zijn vrienden honderd jaar geleden ook.    Bij de oprichting in mei 1908 was Sporting Club Anderlecht de zevende club van Brussel. Twaalf jaar later richt dokter Paul de Meersman het allereerste profesioneel medisch kabinet van een voetbalclub op, “Le Service des Visites Médicales d’Athlètes”. Florimont Plash zal zijn werk jarenlang met succes verderzetten. Op 21 oktober 1953 is RSCA de eerste buitenlandse club die Arsenal in eigen huis, op de bevroren grond van het Londense Highbury, verslaat. Negentig jaar lang al zijn de Gunners tegen een buitenlandse club ongeslagen gebleven in eigen huis. Nog géén jaar later staat RSCA mee aan de wieg van de oprichting van de Europabeker der Landskampioenen. Brussel heeft altijd de blik naar Europa gericht. Anderlecht wint ook als eerste Belgische club een Europabeker. In 1976 tegen West Ham. De eerste en enige Belgische club die drie Europabeker finales op rij speelt. 1976, 1977 – verloren van Hamburg SV – en in 1978, in Parijs waar Austria Wenen verpletterd wordt. Anderlecht speelt als eerste Belgische voetbalclub vriendschappellijke midweekse wedstrijden bij kunstlicht. De eerste Belgische club die voor belangrijke wedstrijden in afzondering gaat. Van Real Madrid afgekeken. Op een warme namiddag in juni 1947 komt Lyra op bezoek in het Astridpark. De wedstrijd beslist over de titel. Voor de gelegenheid heeft RSCA zich afgezonderd in de goede lucht van de Keerbergse dennenbossen. Paarswit wint met 3-0. De eerste kampioenstitel is binnen. Aston Villa en New York Cosmos inspireren Michel Verschueren om een nieuw stadion te bouwen met Business Seats en Loges. Als eerste in België. De eerste en enige Brusselse voetbalclub die vereerd wordt met de prestigieuze “Brusselaar van het jaar” prijs. De beloning wordt jaarlijks uitgereikt door de Vlan, de populaire Brusselse huis aan-huis-krant. RSC Anderlecht is de eerste, en enige Belgische club, die erin slaagt vijf landstitels op rij te winnen (van 1964 tot 1968).Een ander unicum: Op 30 september 1964 is RSC Anderlecht de exclusieve Belgische hofleverancier. België – Nederland op de Bosuil (Antwerpen). Wanneer de Luikse doelman Guy Delhasse (Club Luik) in de tweede helft vervangen wordt door Sporting sluitstuk Jean Trappeniers, spelen elf Anderlechtenaren tegen Oranje. De Belgen winnen met 1-0. Tussen 1960 en 1965 winnen Sportingspelers vijf van de zes Gouden Schoenen. Een record. Anderlecht, sticht de “Heizel school”, de instelling die Belgische trainers opleidt. RSC Anderlecht trainer Bill Gormlie is de pionier die aan de basis ligt van de befaamde trainersopleiding.In afwachting van de bouw van het mooiste, beste, nieuwste stadion van het land, schenk ik het officieuze “Gouden Ketje Sport 2008”, in de categorie “eeuwige sportverdienste” aan RSC Anderlecht.   “Mens Sana in Corpore sano” is de leuze van RSCA.

20:26 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: brussel |  Facebook |

16-06-08

SAN MARCO

Een grote groep Nederlanders, verkleed als Zeeuwse meisjes, zingt “Luca Toni is homo” uit volle borst. “Wie is hier nu homo?” denk ik. Bern kleurt helemaal Hollands. Het doet pijn aan de ogen. De carnaval van de eendracht. Enkele verloren gelopen Italianen schrijden voorzichtig, immer elegant door de dichte drommen aangeschoten Nederlanders. Op de hoek van het hoofdplein van het prachtig Zwitsers stadje staat een fluo camper met gigantische luidsprekers. André Hazes, Corry en de rekels, Hollenboer en René Froger schallen over Bern. Het oude centrum is UNESCO werelderfgoed. Het contrast is groot. Het legioen past er als een tang op een varken. Een man met dreadlocks – een pruik - en een snor, helemaal getooid in de originele uitrusting van Oranje van het EK 1988, speelt met een bal. De enige titel die de nationale ploeg ooit binnenhaalde. De man draagt zwarte panties, het gezicht zwart geblakerd door schoensmeer. Ruud Gullit. Ik  kom niet meer bij.   Best grappig allemaal. Tè grappig. Als vervelende purist is Voebal te mooi en te ernstig voor zoveel wansmaak. Nederland speelt straks tegen de wereldkampioen. Angst of stress is den Hollander vreemd.Marco Van Basten staat onder vuur. Oranje zou niet dwingend genoeg voetballen. Nederlanders zijn nooit tevreden. Even later gaan we eten, buiten op de binnenkoer van een Italiaans restaurant. Ver van de brulleeuwen. Ajax iconen Sören Lerby en Sjaak Swart zitten achter ons luidruchtig te dineren. Mijn dag kan niet meer stuk. Ik ben in Zwitserland op uitnodiging van een goede Nederlandse vriend. Zijn voetbalgekke zoontje Nathan en David Endt zijn er ook bij. Ik ben al jaren fan van Endt. Een begenadigd schrijver – “De godenzonen van Ajax” is een aanrader -, een minzame voetbalkenner, een vat vol anecdotes. Endt is al decennia lang de team manager van Ajax. De vertrouwensman van minstens drie generaties Ajacieden.  Van Johnny Heittinga tot Marco Van Basten. Van Basten zou kil en afstandelijk zijn? “Niets van aan” vertelt Endt. “Marco is gevoelig en leeft bijna uitsluitend voor voetbal. Toen hij trainer van de beloften was wilde hij de kleedkamers opfleuren met foto’s van oude Nederlandse voetbalhelden. Om de jonge jongens de passie, de erkenning en eerbied voor voetbal aan te wakkeren. Marco is gevoelig en een kampioen. Jammer dat hij voor Milan speelde” lacht Endt. Ik verdrink haast in zijn woorden en mooie verhalen. We delen de grenzeloze liefde voor Internazionale Milano. Sandro Mazzola is zijn idool, de mijne Matteoli, Scifo en Altobelli.  We steunen beide Italië. In het stadion aangekomen geven we ons over aan de prachtige sfeer. We werpen een blik op de spandoeken. Italië 1 – Nederland 0. “Mamma Grazie di essere Italiana” (“Bedankt moeder om Italiaanse te zijn”) staat op de ene te lezen, “Spremuta D’Orange” (“Sinaasappelsap”) op een andere. Het legioen komt niet verder dan “Woerden steunt Oranje”. Iedereen kent David Endt. Johnny Heittinga komt hem liefdevol groeten, net als Johnny Van ’t Schip de assistent coach, Carlo Ancelotti, de coach van AC Milan, slaat een kort babbeltje, Van Basten zwaait en Youri Mulder komt hem ook even begroeten. Oprechte eerbied. Ik geniet in zijn schaduw. Tijdens de opwarming slaat Cassano een babbeltje met Del Piero. Una cacchierata. Ze lachen. De Hollanders zijn gespannen, geconcentreerd. De volksliederen. Italia 2 – Ollanda 0. Gevolgd door “Siamo Campioni del mondo “ op “White Stripes”. Italia 3 – Ollanda 0. De wedstrijd dan. Een verdiende maar overdreven overwinning. Nederland – 3 – Italia 0. San Marco is een beetje Italiaan. Toch?  

20:49 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (2) | Tags: marco van basten |  Facebook |

CHELSEA - LIVERPOOL

Chelsea FC – Liverpool FC, de terugwedstrijd van de halve finale van de Champions League. De heenwedstrijd eindigde op 1-1, met een late own-goal van de Noorse Liverpool verdediger John Arne Riise. Noorse voetballers, géén enkele heeft me ooit kunnen bekoren. Ole Martin Arst zeker niet. Rosse Riise staat bekend om het uitlekken van zijn loonstrookje (120 000 euro per week) en de publicatie van naaktfoto’s ook al gelekt door een voormalig en erg kwaad lief. Chelsea staat voor de glamour van de wereldstad London. Licht arrogant, minstens zelfbewust. De club van de wereldberoemde kapper Vidal Sassoon. Self made man, rasechte Londoner. Hij geniet in Los Angeles van zijn imperium. Liverpool FC is een volksclub, vermaard om de evergreen “You’ll never walk alone”. De havenstad stond in vroegere jaren ook geboekstaafd als een oord van verderf, beheerst door dieven, ander tuig en een hoge werkloosheid. Een soort Charleroi, Napels of Marseille met een palmares. “The Reds” hebben een enorme aanhang in binnen en buitenland. Evenveel haten de club. De aversie wordt ingegeven door onoverwinnelijkheid in de jaren ’70 en het wangedrag van de fans. Vier jaar na het Heizeldrama in 1985, waar Liverpool hooligans verantwoordelijk zijn voor de dood van negenendertig gewone fans, gaat de club bijna ten onder aan de tragedie van “Hillsborough”. Het stadion van Sheffield Wednesday is op 15 april 1989 het decor van de halve finale van de FA Cup tussen Liverpool en Nottingham Forest. Op het einde van de eerste helft wordt de wedstrijd gestaakt. Honderden Liverpool fans worden verpletterd achter het doel. De politie weigert de hekken te openen. Slecht politiebeheer en het agressief gedrag (tegen henzelf) van de eigen Liverpool aanhang zorgen voor de dood van zesennegentig Liverpool supporters.Het Heizeldrama zal ik hen nooit vergeven. Drieentwintig jaar later sta ik in de “White Horse”, een pub in Fulham, met mijn goede vrienden, hopend op de uitschakeling van Liverpool. De middag begint rustig, tegen de vooravond start het gezang. Humor en traditie. “Sign on, sign on, with a pen in you hand, you’ll never get a job” (op “you’ll never walk alone”). Beide clubs spelen voor de derde maal een champions league halve finale tegen elkaar. Tot nu toe trok Liverpool aan het langste eind. We bezoeken het laatste café voor de wedstrijd. De pub waar Chelsea FC gesticht werd. De kelen worden gesmeerd met nog meer bier en gezang.Het is tijd om te gaan. Na twee uur voetbal en veel dramatiek davert Stamford Bridge op zijn grondvesten. “The Reds” druipen af. We zingen en drinken nog urenlang, in groep, verbonden door een onbeschrijfelijk en universeel stamgevoel. Dan gaan de pubs onherroepelijk dicht en belanden we in de kelder van een Italiaans restaurant. Voor ons wil de Napolitaan zijn zaak nog even illegaal open houden. Terwijl we ons laven aan bier en aan de heruitzending van de triomf op een even illegaal binnengehaalde Italiaanse onbetaalde betaalzender, genieten we van heerlijke pasta. Come a casa. Voetbal in een hoofdstad is altijd beter dan elders.   

20:47 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (1) | Tags: champions league |  Facebook |

de zinneke arena

De culturele sector geniet in Vlaanderen drie maal meer overheidsteun dan de sportwereld. Het is niet anders in Brussel. De discrepantie is fundamenteel oneerlijk. Sport, in de brede zin, beroert, zowel actief als passief, minstens duizend maal méér mensen dan de culturele sector. Ouders zijn gerust wanneer hun kinderen voetballen, hockey spelen of aan atletiek doen. Volmaakte educatieve opvang. Ik begeef me op glad ijs. Soit. Jongetjes dromen van Kakà en Ronaldinho. Meisje van Clijsers en Henin. Niet van Perceval en Shakespeare.Méér dan twintig duizend mensen zijn bereid om jaarlijks gemiddeld 300 euro te betalen om  RSC Anderlecht een seizoen lang thuis te zien voetballen. Boussouffa en Vlcek. Bedragen waar de Koninklijke Vlaamse Schouwburg en de Ancienne Belgique alléén maar van kunnen dromen. Met het budget dat de Zinneke Parade jaarlijks krijgt van hogerhand – jawel, helemaal gefinancierd met uw en mijn geld – kan men op vijf jaar tijd de Rolls Royce der stadions bouwen in de hoofdstad van Europa. De Parade meandert één maal per jaar door de stad. Dit weekend kwam ik een oude schoolkameraad tegen. Na méér dan twintig jaar. Samen speelden we voetbal in de wijk en op de club, Sporting Club Union Progrès Jette. Hij liet inmiddels de hoofdstad achter zich en woont veilig in de rand. We lachten een nacht lang nostalgisch om de kleedkamer- en wedstrijd herinneringen. Die keer dat onze Brussels-Congoleze ploegmakker ons een lading porno boekjes wilde slijten. Tien frank stuk. De broers uit Sardinië, de fratelli Cubiddu, wiens vader een ijssalon uitbaatte op het Sint-Anna plein in Koekelberg, kochten de lading op. Eén voor allen, allen voor één. De authentieke Brusselse vezel. Eendrachtig in de verscheidenheid. Tijdloze verbondenheid dankzij sport. Daar kan géén toneelstuk of concert tegenop.Ons stadsgewest is ziek. De hoofdstad van Europa zal binnen de tien jaar géén UEFA Cup- noch een Champions League finale kunnen organiseren. Bij gebrek aan infrastructuur. Luik, waar de lokale overheid wèl bijspringt, zal de loef afsteken. Brussels, shame on you. De hoofdstad investeert liever in culturele activiteiten en tempels. Elitaire incest. Steeds weer hetzelfde kringetje ingewijden. De Cubiddus zijn nog nog nooit naar de KVS gegaan. Honderd vleermuizen op nog géén honderd meter van de ring, enkele volkstuintjes, een sluikstort in het Laarbeekbos en communautair getouwtrek zullen het einde van een gezellige derde provincialer inluiden. Ritterklub Jette is ten dode opgeschreven. Een club waar allochtoontjes thuis zijn – méér dan vijftig procent van het contingent jeugdspelertjes -, een gemeenschap die méér dan vijfhonderd mensen bijna dagelijks verzamelt. Ritterklub Jette is het slachtoffer van kortzichtigheid en bestuurlijke dwaasheid. Brussel is géén sportstad. We vaardigen een aantal atleten naar de Olympische spelen in Beijing af en we herbergen de grootste club van het land. Het mag niet deren. De socio-culturele VZW’s zullen steeds weer overwinnen. Was Ritterklub een theatergezelschap, het probleem zou allang opgelost zijn. Gauw een Zinneke Arena, aub. 

20:45 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: voetbal |  Facebook |

de rellen van Anderlecht

Mohamed Ouahbi is de bezielende trainer en begeleider van de U11, de min-elf jarigen van RSC Anderlecht. Mohamed is onderwijzer. Pedagogie is zijn leven. De spelertjes komen van overal: Cureghem, Lokeren, Brazilië, Antwerpen, Sint Pieters-Leeuw en Molenbeek. Alle rangen en standen zijn vertegenwoordigd. Mohamed houdt van zijn missie bij Sporting Club Anderlecht. De spelertjes zijn erg gehecht aan hun coach. Zijn schoolkinderen leven in achtergestelde wijken. Ouahbi staat elk kind nauwgezet met raad en daad bij. De opvoeder is duidelijk. Streng en zacht wanneer het moet. Duidelijkheid en rechtlijnigheid primeren. De kinderen zijn dol op hem. Jerôme Nzolo kwam twaalf jaar geleden aan in ons land. Hij studeerde hier af aan de Universiteit en maakte op korte tijd carrière in de scheidrechtergilde. Nzolo is een gewaardeerde opvoeder van moeilijke jongeren in de hoofdstad. Hij vocht tegen alle raciale vooroordelen, de eerste kleurling die de elite bereikte. Nzolo is vorige maand voor de tweede maal op rij uitgeroepen tot scheidsrechter van het jaar. Marouane Fellaini is Brusselaar, van Marokkaanse oorsprong en voelt zich Belg. Kampioen met Standard Luik. Marouane had in Brussel een ander pad kunnen volgen. Vader hield hem kort en onderwierp hem een haast spartaanse opvoeding. Marouane Fellaini wordt een hele grote, de Belgische voetbalhoop in bange dagen.Vincent Kompany. Opgegroeid aan het Noord Station. Doorzettingsvermogen, intelligentie en goede ouders stuwen hem naar de top. Kompany zal hoogstwaarschijnlijk voor Arsenal, de absolute top in Europa, spelen. Dilmurat en Mourad kwamen nog géén vijf jaar geleden in België aan. De ene uit Kirgizië, de andere uit Kazakhstan. Zonder geld en vooruitzichten. Economische vluchtelingen. Ze spraken en begrepen bij aankomst géén benedijd woord Nederlands en Frans. Vandaag hebben beide een job, oefenen ze een “knelpuntberoep” uit en de kinderen gaan plichtsbewust naar een Nederlandstalige school. Het duo is er inmiddels in geslaagd om zich in beide landstalen uit te drukken. Mede dankzij het voetbal, ze spelen bij de veteranen van Ritterklub. De taalkennis is niet perfect maar voldoende om een sociaal leven uit te bouwen, persoonlijk- en gezinsgeluk na te streven en een degelijke toekomst aan hun nageslacht te bieden. Mourad en Dimurat volgen de regels van het spel. Ze doen hun best, de autochtonen doen de rest. Als geboren en getogen Brusselaar laaf ik mij aan de verscheidenheid van de hoofdstad. Ik onderga ze ook. Zoals velen. Gratuit gekraste auto’s, inbraken, vandalisme en pesterijen van hangjongeren- en kinderen maken het leven van velen zuur. Ouahbi, Fellaini, Kompany, Nzolo, Dilmurat en Mourad hebben het niet makkelijk gehad. Sport, opvoeding en hun sterke persoonlijkheden hebben de weg gewezen. Ze vertegenwoordigen een meerderheid.  De rellen in Anderlecht hebben niets met voetbal te maken, noch met “geviseerde allochtonen”. Die bestaan niet meer. Het zijn Belgische deliquenten zonder referentiekader. De rellen zijn veroorzaakt door een banale wraakactie van het zoveelste straatincident, ingezet door twee kinderen van tien en elf jaar.   De overheid, de sport- en culturele wereld scheppen genoeg voorwaarden om hen uit de miserie te helpen.  Zoals volksvertegenwoordiger en ervaringsdeskundige Fouad Ahidar het stelde net na de ongeregeldheden: “waar waren de ouders?”Ahidar heeft gelijk.        

20:44 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: de rellen |  Facebook |

de kwijlende vrouwen van Anderlecht

“Ik voetbalde voor het mooie shirt van Anderlecht. Het prachtige “mauve”. En voor Mijnheer Contstant Vanden Stock en Mijnheer Steppé. Nooit voor het geld en ik ben Nederlander. Dat wil wat zeggen. Het allermooiste aan Royal Sporting Club Anderlecht waren de vrouwen langs de lijn. De kwijlende vrouwen van Anderlecht wilden altijd met die snelle midvoor naar bed”. De woorden van Jan Mulder op de groots opgezette viering ter gelegenheid van het eeuwfeest van Sporting beroeren een duizendtal genodigden. Robbie Rensenbrink en Paul Van Himst zijn er ook. Net als Marc Degryse, Patrick Vervoort en Jef Jurion. Clubhelden, Iconen van een volk van verschillende generaties. De stijlvolle show en het onvergetelijke maal, klaargemaakt door de grootmeester, Chef Pierre Wijnants, vervult het gezelschap met intens genoegen. Alléén het beste is goed genoeg voor Anderlecht. De VIP’s zijn talrijk. Van Goedele Liekens over Gui Polspoel tot de volledige cast van “FC De Kampioenen”. Feesten is toegelaten. Volkse chic hoort bij RSC Anderlecht. Ik beland in een polonaise tussen Minister Guy Vanhengel en voormalig politiek zwaargewicht Jos Chabert. Eric Thomas blijft zitten. Consensus is een Brusselse deugd. Enkele dagen later bereiken de U11 van RSC Anderlecht, de jongetjes van 1997, de halve finale van het prestigieuze toernooi “Torneo Del Futuro” in Amsterdam. De leeftijdsgenootjes van Inter Milaan, Bayern Munchen, Bayer Leverkusen worden fluweelzacht opzij gezet met een nagenoeg perfecte balans tussen inzet en techniek. Tegen Ajax wordt een achterstand krachtig goedgemaakt. De Amsterdamse trainers Michel Kreek (ex-Ajax en Oranje) en halve Belg Simon Tahamata, halen er de twee beste af na een 2-0 voorsprong. Hoogmoed komt voor de val. Hoofd opleidingen Jean Kindermans staat discreet langs de lijn. Helemaal naar Amsterdam afgezakt om de prille Brusselse hoop te aanschouwen. Ik mag, samen met idool Henk Spaan, het beste spelertje van het toernooi kiezen. Hij beslist. Artiesten als Spaan bepalen grotendeels mijn liefde voor voetbal. Ze bezitten de edele kunst van de hertaling van mijn beleving. Briljante teksten in het literair voetbaltijdschrift “Hard Gras”, de TV Programma’s “Pisa”, “Verona”, “Nieuwe Koeien” en “Studio Spaan” worden gekoesterd. Spaan is slim, lief, keurig, volmaakt voetbaldeskundig en taalvaardig. Verwondering en bewondering beheersen de dag. We vallen gelukkig voor dezelfde spelertjes. Kleine bepalende kwikzilvere kunstenaartjes met lef. De “7” van Leverkusen met de welklinkende Italiaanse naam. Het mini-Boussoufaatje van Ajax. De spelmaker van Internazionale dichten we liefdevol een grote toekomst toe. Spaan is helemaal gek van de “11” van paarswit. Een speelse linksbuiten met Braziliaanse roots. De term (en de positie) “Linksbuiten”  is waarschijnlijk door een Nederlander uitgevonden. Robbie Rensenbrink, Coen Moulijn, Rob Witschge en Arjen Robben. De dag nadien spoed ik me met gezin en vrienden naar Brussel voor de bekerfinale. De geluidsinstallatie laat het afweten, het volkslied gaat half de mist in, “Olufade” verschijnt op het scorebord met een halve “e”. De “Heysel” is nooit het Koning Boudewijnstadion geworden. Het is krom en zal het blijven, de vervelende atletiekpiste wordt gelukkig weggezongen door Buffalo’s en Sporting boys and girls. Het hakje van Boussouffa en de balbeheersing van khalilou Fadiga maken de middag onvergetelijk. Het “prachtige mauve” van RSCA kleurt de straten, van de kwijlende vrouwen is géén spoor meer. De snelle midvoor is al naar huis.        

20:42 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsca |  Facebook |

07-05-08

CONSTANT VANDEN STOCK

Constant Vanden Stock is de beste clubvoorzitter allertijden.  Een bloemlezing. Als speler maakt hij deel uit van de kampioenenploeg van 1935. Constant Vanden Stock is een talentvolle linksback. Nooit zal Anderlecht nog zakken naar Tweede klasse. Na een zware blessure laat paarswit hem drie jaar later vertrekken naar Union St-Gilloise. Constant Vanden Stock is eenentwintig. In 1943 stopt hij met voetballen om voltijds bierbrouwer te worden. De brouwerij krijgt de naam van de plek waar hij opgroeide: Café Belle-Vue, de zaak van zijn ouders.Even later slaat het noodlot toe. Vader sterft in een Duits concentratiekamp. Philemon Vanden Stock werd met het allerlaatste transport naar Duistland gedeporteerd omdat hij het verzet had geholpen. Vanden Stock Junior snelt naar het Noord Station om de Duitsers te vermurwen hem vrij te laten. Hij biedt de Duitsers 200.000 franken (5000 euro) aan. Het mag niet baten.Nooit zal er een Duister voor Anderlecht voetballen. Een uitzondering: trainer Herbert Neumann in 1995. De teutoon houdt het nog géén zes weken vol in Brussel.  De brouwerij wordt onder zijn kundige leiding een onwaarschijnlijk succes. In 1991, één jaar na de laatste Europacup finale van RSC Anderlecht, verloren van het Sampdoria Genua van Gianluca Vialli en Roberto Mancini), verkoopt hij de brouwerij. Constant Vanden Stock blijft echter nauw bij het voetbal betrokken. Een leven lang. Tien jaar lang is hij selectieheer van de nationale ploeg (68 interlands, van 1958 tot 1968). In 1951 was hij al Voorzitter van Vorst. Eén jaar later verhuist hij voor vijftien jaar terug naar Sporting, als jeugdcoordinator. In die periode ontdekt Vanden Stock Paul Van Himst, het eeuwig boegbeeld van Sporting Club Anderlecht. In 1968 wordt hij heel even technisch directeur van Club Brugge. Daar vlucht hij even snel als hij gekomen is. De Bruggelingen kunnen zoveel ambitie niet aan. Vanden Stock wil Wilfried Van Moer kopen voor 4,5 miljoen Belgische frank (112.500 euro). De helft wil hij zelfs uit eigen zak betalen maar het Brugs Bestuur, met het onverstaanbaar dialect, weigert. Gezonde Brugse koopmansgeest? Het is ooit anders geweest. In 1969 keert hij voor eeuwig terug naar de hoofdstad.  In 1971 wordt Constant Vanden Stock Voorzitter van de RSC Anderlecht. Zijn daden: Tien maal landskampioen, zes Europabeker finales, waarvan drie gewonnen, zeven Belgische bekers en twee Europese supercups. RSCA groeit uit tot een Europese grootmacht.  Géén enkele Belgische club zal ooit het palmares van RSC Anderlecht evenaren. Dankzij Mijnheer Constant. Hij schenkt alle voetballiefhebbers (onder méér) Robbie Rensenbrink, Morten Olsen, Benny Nielsen, Franky Vercauteren, Hugo Broos, François Van der Elst, Juan Lozano, Ludo Coeck, Vincenzo Scifo, Jan Mulder, Per Friman, Luis Oliveira, Luc Nilis, Marc Degryze, Jean Thissen en Milan Jankovic.Soms wordt de bal ongewild mis geslagen. De Paraguayaan Enrique Villalba bijvoorbeeld. Dat van die “lening” zijn we ook vergeten. Over de doden niets dan goeds. Constant Vanden Stock houdt bovenal van zijn spelers. Hij waakt als  een vader over hen. “Mille, gôôt nekie zèèn wat dei twie do doon.Het schaint da’se do veul whisky drinke”” (“Emile, ga eens zien wat die twee daar doen. Het schijnt dat ze daar veel Whiskey drinken”, nvdr) sommeert Voorzitter Vanden Stock. Emile Servranckx, vertrouweling en beheerder van de club, haast zich naar Wilrijk. In het “Cederhof” aangekomen treft hij het gouden duo Juan Lozano en Ludo Coeck aan. Ze kaarten en lijken cola te drinken. Emile bestelt er ook eentje en verwisselt de glazen. Opgelucht stelt hij vast dat ze echt wel cola drinken. In Brussel aangekomen brengt hij verslag uit. “Dei journaliste, ge moot dei allemoe nie geluuve” (die journalisten, je moet die allemaal niet geloven. Nvdr) mompelt Vanden Stock. Het Belgisch voetbal heeft het allereerste televisiecontract aan hem te danken. Betaalzender “Filmnet” wil, tegen betaling, één wedstrijd per week exclusief uitzenden. Het verzet bij de profclubs is immens. De meesten vrezen immers géén volk méér over de vloer te krijgen als ze op tv komen. De visionair stelt voor één wedstrijd op vrijdagavond toe te kennen. Een wijze beslissing. Vandaag brengt het Belgisch voetbalcontract zesendertig miljoen euro per jaar op. Voordat het Heizeldrama (1985) uitbreekt, heeft hij een nieuw stadion gebouwd om méér comfort aan de stadionbezoeker te bieden. Ook de exploitatie van business seats en loges brengt veel op.   Vanden Stock sterft tijdens het weekend dat FC Brussels definitief uit Eerste Klasse degradeert en dat RSCA weggespeeld wordt bij de Luikse erfvijand. Het kan géén toeval zijn.Wij missen hem nu al. Merci Constant. 

00:41 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: merci constant |  Facebook |

DE SKINHEAD VAN STAMFORD BRIDGE

Op 20 april 2008 was ik op Sclessin. Ik heb de oververdiende negende titel van Standard Club Luik vanop de eerste rij beleefd. De schande van de achtste (remember Waterschei van 1983) wordt weggespoeld met een indrukwekkend en oprecht volksfeest. Drie jaar geleden was ik in Londen voor de kampioenenviering van Chelsea FC. De vorige dateerde van een halve eeuw eerder. De ontlading begint rond tien uur ‘s ochtends in “The Wheatsheaf”, een Chelsea pub in Fulham. Veuve Cliquot en English Breakfast. Grootvaders, vaders en kleinzonen vallen elkaar een dag lang in de armen. Er wordt gezongen en blijmoedig luid gediscussieerd. Enkele uren later zakken we massaal af naar Stamford Bridge, het stadion van Chelsea. Mijn beste vriend woont in Londen en is helemaal “blue”. Collectief genot. Hij méér dan ik. Chelsea is “zijn” club. Ik kijk het aan en beleef het zoals het hoort. Respectvol, mij lavend aan het geluk van mijn dierbare vriend en de fans. De wedstrijd is een langgerekte huldiging zoals alléén Britten het kunnen. Elke speler wordt passend geeerd. Elk zijn eigen lied. Jose Mourinho, de trainer, wordt bezongen op de tonen van “La Donna è Mobile”. Naast mij staat een indrukwekkende vijftiger, groot, kaal, een tattoo van de club in zijn nek gegrift, bomberjack en bierbuik. De tranen stromen geruisloos van zijn wangen. Hij staart voor zich uit. “ik dacht dat ik dit nooit meer zou meemaken” fluistert hij ongevraagd zonder ons aan te kijken. Clubliefde, zuiver voetbalgeluk.  De Belgische media wijden de hele week het grootste deel van de berichtgeving aan de kersverse kampioen. De hype ontspoort. Standard champion. Voor de eerste keer in vijfentwintig jaar. We zullen het geweten hebben. De Premier, de Vice-Eerste Minister, de andere Vice-Eerste Minister en een Waals minister staan dagenlang op de eerste rij te kirren. De kampioen wordt in de ambstwoning van de Premier gehuldigd. Politieke recuperatie. Op donderdag breng ik een laatste groet aan de grootste voetbalpersoonlijkheid van het land. De begrafenis van Constant Vanden Stock verloopt waardig. Honderden supporters, clubiconen als Jan Mulder en Swatje Vander Elst en zoveel anderen zijn er in alle stilte bij. Marc Degryse vertelt me hoezeer hij Vanden Stock bewondert. Authentiek.  Daar komt het gemeentebestuur aan. De Eerste Schepen trekt een troosteloos droef gezicht. De man is een notoir tegenstander van het nieuwe stadion en van de modernisering van Neerpede, het jeugdcentrum van paarswit. Fabrice Cumps is een partijgenoot van “Rouche” Michel Daerden. Hun partij drukte 500.000 euro belastingsgeld door voor de bouw van het vandaag zo geroemde Luikse voetbalschool “centre Louis Dreyfuss” en de bouw van het nieuwe stadion in Luik krijgt ook hun zegen (en financiële steun). Geef mij maar de skinhead van Stamford Bridge.     

00:39 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: standard champion bis |  Facebook |

STANDARD CHAMPION

Vrijdagavond. Twee dagen voor de enige echte voetbalklassieker van het land, Standard CL – RSC Anderlecht. De traditionele pint na het werk. Onze jurist is evenwichtige man en helemaal gek van Standard Luik. Passie en liefde voor een club zijn géén afwijkingen. De man is van Boom en al die jaren trouw abonnee gebleven. Een kwarteeuw, bijna een mensenleven, hoon en vierentwintig mislukte kampioenschappen ondergaan. Respect. Ik jen hem. Na de uitschakeling in de beker tegen AA Gent, is twijfel in de groep geslopen, probeer ik. De ziel van Standard Luik is “net niet”. Een beetje zoals Feyenoord, Newcastle United en Olympique Marseille. Een prachtige achterban, zelden een prijs. Steeds weer die nieuwe spelers. Wie kent Roger Raeven nog? Het hoort gewoon zo te zijn, vervolg ik. Ik vertel hem een typisch Luikse anecdote. Na het omkoopschandaal van ’84 breken de zwarte jaren aan. Milan Mandaric, Amerikaanse tycoon en voetbalgek, wil de club redden. Ergens in september  wordt hij aan de spelersgroep voorgesteld net voor een wedstrijd. Kapitein Guy Vandersmissen vertaalt. Alle spelers zijn met verstomming geslagen. De redding is nabij. De Miljardair krijgt zelfs applaus. Zijn er nog vragen? Niemand. Toch wel, een speler steekt zijn hand op. Reserve Jean-Marc Bosman. De man van het arrest vraagt bedeesd waneer hij zijn wintervest kan krijgen? Vandersmissen durft de vraag zelfs niet vertalen. Typisch Standard. Sommige spelers schudden meewarig hun hoofd, andere barsten in lachen uit. Mandaric druipt af. De dollars ook. Waar gebeurd. Mijn collega en ik beginnen aan de lijstjes. De vijf meest mislukte transfers van Standard. Frédéric Pierre, Carlos Hermosillo, Pascal Diaz, Dirk Huysmans en Mladen Pelaic scoren hoog. De vergeten toptransfers dan maar. Nebosja Krupnikovic, Miklos Molnar, Zoran Bojovic en Emile M’Penza.Zaterdagnamiddag. Na de laatste wedstrijd van seizoen met mijn veteranen clubje, verneem ik dat Constant Vanden Stock overleden is. Het wordt even stil in de Brusselse kantine. Gestorven terwijl ik voetbal, denk ik, aan de vooravond van de match van het jaar. Het kan géén toeval zijn. Mijn Standard collega wenst me een innige deelneming per sms. Een voetbalkenner.Zondagavond. Ik geniet in Luik. De viering overtreft alle tribale affiniteiten. Hoe mooi voetbal kan zijn. Toch wel jammer dat die Mbokani de goals scoort.

Maandagmorgen. Mijn collega is nergens te bespeuren.

De Polonaise aan de oever van de Maas zal minstens vijfentwintig jaar duren.   

00:36 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: standard |  Facebook |

DE BESTE VOORZITTER TER WERELD

“Mille, gôôt nekie zèèn wat dei twie do doon.Het schaint da’se do veul whisky drinke”” (“Emile, ga eens zien wat die twee daar doen. Het schijnt dat ze daar veel Whiskey drinken”, nvdr) sommeert RSC Anderlecht Voorzitter Constant Vanden Stock. Emile Servranckx, vertrouweling van de Voorzitter en beheerder van de club, haast zich naar Wilrijk. In het “Cederhof” aangekomen treft hij het gouden duo aan. Juan Lozano en Ludo Coeck. Ze kaarten en lijken cola te drinken. Emile bestelt er ook eentje en verwisselt de glazen. Opgelucht stelt hij vast dat ze echt wel cola drinken. In Brussel aangekomen brengt hij verslag uit. “Dei journaliste, ge moot dei allemoe nie geluuve” (die journalisten, je moet die allemaal niet geloven. Nvdr) mompelt Vanden Stock.Het inzicht van Constant Vanden Stock. Op 3 mei 1978 wordt Parijs een nacht lang door Brusselaars bezet. Het hoogtepunt onder Raymond Goethals. De derde Europacup finale op rij. Een paarswit legioen met 25 000 soldaten verovert de Lichtstad. Het lied “Anderlecht à Paris sera le plus beau jour de ma vie” (op de melodie van een levenslied van Edith Piaf) is sindsdien een klassieker. RSC Anderlecht maakt brandhout van Austria Wenen. 4-2, twee maal Rensenbrink en twee maal Van Binst.  De Europabeker wordt gevierd in het prestigieuze Lido. Tijdens de show wordt de Vanden Stock plots op scène geroepen. Tussen de schaarsgeklede danseressen. De Voorzitter is een keurig man. De spelers komen niet meer bij van het lachen. Constant Vanden Stock klimt schroomvol het podium op, geeft een ingetogen maar vlotte speech, neemt het applaus dankbaar in ontvangst en vervoegt glunderend het Anderlechtgezelschap. Een onvergetelijke nacht. Naar verluidt zou hij een einde aan de spontane huldiging gemaakt hebben in het Brussels: “Naa môôt ik stoppe of ik goen last kraaige mè maan vraa” (nu moet ik stoppen of ik ga last krijgen met mijn vrouw. Nvdr). De humor van Constant Vanden Stock.Op zondag gaat de Voorzitter met zijn vrouw en enkele vrienden dineren. Altijd in Brussel. Soms gaat het gezelschap na de maaltijd dansen. Mijnheer Vanden Stock is een begenadigd danser. Sierlijk en met een onvoorstelbaar uithoudingsvermogen, walst de gentleman urenlang met zijn echtgenote en met de vrouwen van het gezelschap.Constant Vanden Stock werelds.Tweede ronde UEFA Cup, seizoen ‘83-’84. RSC Anderlecht moet naar de grauwe mijnstad Ostrava, in het toenmalige Tsjechoslovakije. Een stad met een grote sportgeschiedenis. Voormalig tenniskampioen Ivan Lendl en Milan speler Marek Jankulovski zijn in de grijze industriestad geboren. FC Banik Ostrava is een vaste waarde van de Tsjechische competitie. De traditie van de Europabeker wil dat de ontvangende club een galadiner organiseert. Constant Vanden Stock en het voltallige Anderlecht gevolg worden hartelijk ontvangen in een select restaurant. Na de gerbruikelijke plichtplegingen, nemen beide delegaties plaats aan de grote tafel. Voorzitter Vanden Stock zit naast zijn Tsjechische evenknie. Een gezellig maar erg warm open haardvuur verwarmt de ruimte. De Banik Voorzitter is kwistig met sterke drank. Constant Vanden Stock begrijpt al snel dat hij uitgedaagd wordt. De man wil de Voorzitter onder tafel drinken. Vanden Stock ondergaat waardig het onuitgesproken duel. De haard brandt hevig in hun rug. Na een paar uur slaat het noodlot toe. De Tsjech wankelt, hij slaat groen uit en is misselijk. De gezellige avond wordt abrupt afgesloten. Bij het buitengaan kan Vanden Stock een glimlach niet onderdrukken. Tegen een van de paarswitte getrouwe zegt hij: “k’èm em goe vastgehad, daan Pei”.(ik heb die mens goed vastgehad,nvdr) De Tsjech hebben ze niet meer gezien. De kracht van Constant Vanden Stock.Paul Van Himst, Robbie Rensenbrink, Juan Lozano, Marc Degrijze, Jef Jurion, Attila Ladinsky, François Van der Elst, Milan Jankovic, Gilles Van Binst, Jean Thissen, Per Frimann, Ludo Coeck, Vincenzo Scifo, Morten Olsen, Benny Nielsen, Franky Vercauteren en zo veel andere voetbalgoden hebben we aan zijn voetbalkennis te danken. Constant Vanden Stok, de voetbalkenner. Constant Vanden Stock is de beste Voorzitter van de wereld.           

00:34 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsc anderlecht |  Facebook |

06-04-08

DE WOEDE VAN RSCA

RSC Anderlecht is boos. Terecht. Manager Herman Van Holsbeeck dreigt Brussel te verlaten als er niet snel een nieuw stadion komt. Het heeft lang genoeg geduurd. Het genie, de visie en de daadkracht van de familie Vanden Stock en haar voorgangers bouwden de club uit tot ongeëvenaarde hoogten. Niemand deed in dit land ooit beter. Anderlecht zet de toon sinds de Tweede Wereldoorlog. Paars-wit is, samen met bijvoorbeeld Real Madrid en Stade Reims, een van de grondleggers van de Europa Cup. Anderlecht is de eerste Belgische club met een professionele medische afdeling. De legendarische trainer Bill Gormlie stichtte de Heizelschool, waar de toptrainers van morgen opgeleid worden.

Het Belgisch voetbal heeft de eerste bescheiden televisie-inkomsten te danken aan Constant Vanden Stock. Toen FilmNet de Belgische markt wou veroveren, klopte de betaalzender aan bij de profclubs met de vraag of hij geen wekelijkse wedstrijd live en exclusief mocht uitzenden. Het verzet is gigantisch. Tot Vanden Stock zich ermee moeit. Waarom niet eigenlijk? Eén wedstrijd per week, op vrijdagavond. De meerderheid der profclubvoorzitters is overtuigd dat livetelevisie de stadionbezoeker thuis zal houden. Maar de overredingskracht van visionair Van­den Stock en de betaaltelevisiecen­ten overtuigen de conservatievelin­gen na ellenlange onderhandelin­gs­sessies.

Met de jaren wordt de tv-cheque vetter. Ook op vlak van stadion­infrastructuur en moderne exploitatievormen is Sporting Anderlecht een trendsetter. Wedstrijden tegen New York Cosmos en Aston Villa, aan het begin van de succesvolle jaren 1980, inspireren voormalig clubmanager Michel Verschueren tot de gedurfde bouw van het eerste Belgische stadion met business seats

en loges. Zonder subsidies. Een unicum. Anderlecht wordt prompt tot in provinciale gekopieerd. Eddy Wauters, de eigenzinnige voorzitter van het aan lager wal geraakte Royal Antwerp FC, offerde zelfs een volledige tribune op aan business seats. Die brengen meer op dan de gewone supporters.

Ondanks gewestelijke politieke consensus doen de ingewikkelde staatsstructuren de ambitieuze voetbalclub de das om. Een gemeentelijk burgervadertje is bij machte de tijdelijke uitbreiding van een profclub tegen te houden. De Stad Brussel, verzand in pijnlijk immobilisme en verlammende kortzichtigheid, verzet zich tegen een ingrijpende modernisering van het Koning Boudewijnstadion, waar we niet alleen Anderlecht in kunnen laten voetballen, maar ook Champions League-finales kunnen organiseren. Brussel, wereldstad? Mijn oren. Anderlecht, vaandeldrager van het Belgische en Brusselse voetbal, verdient beter.

Het politieke en industriële establishment bevolkt de eretribune en de salons van de club. In 2009 is het te laat. Dan is het Vanden Stockstadion te klein voor internationaal voetbal. Eregasten van de eretribune, denk aan al die mooie avonden, de heerlijke maaltijden, de nationale en internationale uitstraling die Anderlecht stad, streek en land en uzelf al een eeuw oplevert. Sta op, vergeet de regeltjes, en handel. Binnenkort beginnen ze in Brugge en Luik te bouwen.

00:37 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: stadion rsca |  Facebook |

stad brussel

Brussel - De heer Bertin Mampaka is een heel belangrijk man, schepen van de Stad Brussel. Zijn bevoegdheden zijn niet de minste: Sport, Groene Ruimten, Milieu en Internationale Solidariteit. Gelukkig is hij polyvalent en ervaren. Mampaka is fiscalist en mid jaren 1980 was hij marketeer van een grote Amerikaanse multinational. Bertin Mampaka is ambitieus en streeft, inzake sportbeleid, twee grote doelstellingen na.

De Brusselaars massaal in beweging krijgen enerzijds, en zoveel mogelijk sportevenementen van topniveau naar de hoofdstad lokken anderzijds. Trots geeft hij financiële steun aan meer dan 150 Brusselse clubs. Het budget werd zelfs verdubbeld, van 500.000 euro naar 1 miljoen. Het is Mampaka menens. Een deel van dat geld ging helaas ook naar de bijna ter ziele gegane basketbalclub Atomia Brussels. Niet alle beleidsdaden kunnen succesvol zijn.

Topsportevenementen als de Memorial Van Damme en de Jumping van Brussel vullen dan weer het andere luik in.

Dat de Rode Duivels hun thuiswedstrijden in Brussel afwerken, is een mooie kers op de taart. Toch een tiental topsportevenementen in 52 weken. Stadsmarketing is geen loos begrip aan de Grote Markt.

De vriendschappelijke thuiswedstrijd tegen Marokko van vorige woensdag viel sportief wel wat tegen, maar er daagden toch meer dan twintigduizend toeschouwers op, onder wie zestienduizend Marokkanen. Als verantwoordelijke van de Internationale Solidariteit juicht Mampaka die massale opkomst toe.

Er hadden zelfs meer supporters kunnen afzakken naar het stadion. Als men kaartjes had mogen verkopen op de wedstrijddag zelf. Helaas kon de Stad haar fiat niet geven. Waarom eigenlijk niet? Daarom niet. Meer uitleg hoeft een schepen niet te geven.

De Voetbalbond is misnoegd over de slechte grasmat. De schepen van de Groene Ruimten is bedroefd en ontgoocheld. Beseffen die bondsbobo’s niet welke fysieke opofferingen de leden van de Brusselse groendienst hebben gepleegd om het speelveld bespeelbaar te maken? Ze trotseerden de voorbije weken weer en wind en hun morrende vrouwen om elk grassprietje met liefde en vakmanschap te koesteren. Bovendien heeft Bertin Mampaka allang een semi-kunstgrasveld beloofd, zoals op Anderlecht. Hij heeft ook maar twee handen. Ach, die voetballers zijn allemaal verwend en overbetaald.

Dat de eretribune na de wedstrijd overspoeld werd met uitzinnige Marokkanen, kan Bertin Mampaka ook niet van zijn stuk brengen. Voetbal is een volksfeest. Toch? Ook de door tientallen ongewenste gasten bezette vip-receptie kan geen smet werpen op de bijna perfecte organisatie van de Stad Brussel. De schepen is een gastvrij man. In alle omstandigheden.

Het mag duidelijk zijn dat de elektriciteitspanne de fout is van Sibelga en niet van de stadsdiensten, stelt Mampaka. Gelukkig had hij een noodgenerator voorzien. Merci, Bertin. In normale omstandigheden – als het een officiële interland was geweest – zou de wedstrijd met forfaitcijfers geëindigd zijn. 0-3 is altijd beter dan 1-4.

De bewakingscamera werkten niet. Een foutje in de voor het overige vlekkeloos verlopen organisatie. Tegen de volgende interland in oktober zal het euvel verholpen worden. Een plechtige belofte van de schepen. Als het van Mampaka afhangt, is Brussel bijna helemaal klaar voor het WK

00:34 Gepost door David Steegen in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: mampaka |  Facebook |

02-03-08

ECHTE EN VALSE VIPS

De sfeer in en rond het Constant Vanden Stock stadion is gezellig maar onderkoeld. RSC Anderlecht – Girondins Bordeaux, de magere troost in het annus horribilis en eeuwfeest van paarswit. Slechts vijftienduizend toeschouwers hebben de weg gevonden naar de tempel van Constant Vanden Stock. De 16de finales van de UEFA Cup drijft de trouwste supporters naar de Théo Verbeeck straat en, naar gewoonte, een irriterend leger voetbaltoeristen. Genodigden. Ze bestaan in alle maten en gewichten. Bij Champions League confrontaties wordt een deel van het stadion bevolkt met oppervlakkige snobs. Het soort dat zich net ingeschreven heeft voor een Golfinitiatie in Itterbeek en algauw parmantig beweert lid te zullen gaan worden van de Golfclub van Knokke-Le-Zoute. Op hun vijftigste worden ze professioneel aan de kant gezet en leveren ze de BMW 3 reeks met tankkaart in. Het omhooggevallen volkje neemt de plaats in van de hondstrouwe supporters die de peperdure kampioenenbalabonnementen niet aankunnen. Ze zitten verspreid tussen de club loyalisten. Eén eenmalig bezoek aan het carnaval van Aalst of een voetbalmatch is voor de zelfverklaarde VIP’s folklore. De ene na de andere slechte mop rolt van de zitplaatsen. “Panathinaikos? Waar ligt dat?” “Speelt Pol Van Himst vanavond?” “Amai en zeggen dat er mensen zijn die hiervoor betalen”. Misprijzen.     Stewards zouden een politionele bevoegdheid moeten krijgen. Bij UEFA Cup matchen en andere Bekerwedstrijden wordt de B-lijst van stal gehaald. Het geknoei begint al voor de match, aan de elektronische hekken. De lagere middenkaders schuiven hun ticket minutenlang onhandig tegen de magnetische strip. Totdat een contrôleur zuchtend redding brengt. Cirque Du Soleil, een film in de IMAX of een voetbalmatch, het maakt hen allemaal niets uit. Ze bestuderen hun toegangsticket even aandachtig als de plattegrond van Disneyland. Verontschuldigend banen ze zich een weg naar hun plaats, vergezeld van een steward. De wedstrijd is dan al minstens tien minuten bezig. Tijdens de rust genieten ze van de capriolen van de clubmascotte. Alléén kinderen vinden volwassenen verkleed in pluche leuk. Ze veren recht op de verkeerde momenten, roepen moord en brand als een speler moederziel alléén uitglijdt. Ze vallen hun argeloze buren lastig met onnozele vragen en opmerkingen. Voetballeken horen niet in een stadion. Tenzij samen, allemaal afgezonderd in één vak of achter glas. Ver van ons. In tegenstelling tot de A-VIP’s, zijn de B’tjes bescheiden. Ze horen er graag even bij. Thuis en op het werk zijn het volgers, brave ja-knikkers. De afdelingsverantwoordelijke beloont hen somtijds met een kruimeltje. Anderlecht-Bordeaux. De B’tjes vertrekken tijdens een beslissende strafschoppenreeks, of erger, bij een 0 – 1 achterstand op tien minuten van het einde. Om de file te snel af te zijn.Een wedstrijd bijwonen is een slopend hoogtepunt. De opwarming is even belangrijk als de wedstrijd. Het clublied meezingen brengt geluk. Zonder ons, trouwe abonnés, bestaan de clubs niet.   Niets of niemand komt daar tussen. Wij zijn de enige echte VIP’s. 

15:42 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fake supporters |  Facebook |

24-02-08

FOOTBALL ON LINE

Surf NU naar de mooi gestructureerde en erg goed gemaakte nieuwe website van Cercle Brugge.

www.cerclebrugge.be

Heel goed gemaakt voor wie van de vereniging houdt.

12:33 Gepost door David Steegen in Web | Permalink | Commentaren (0) | Tags: cercle brugge online |  Facebook |

LEVE CERCLE!

gisteren weer eens een heerlijke avond op Cercle Brugge meegemaakt. cercle kam nie langszij Roeselare die Catenaccio stilaan tot een kunstvorm aan het verheffen zijn.

Het was goed om verschillende redenen:

Yves Vanderhaeghe is helemaal terug, na 7 (sept, zeven, seven) operaties! een toonbeeld van karakter Hij hield, samen met die andere veteraan Stefan Tanghe, het positief voetballend Cercle op de nul. Verdedigen is ook een kunst

de Voorzitter van Cercle is een fijngevoelig man, net als sommige van zijn bestuursleden - Leve Patrick C. -. We hebben de vereniging gisteren gesloten

Franky Carlier, voormalig boegbeeld, wist ons te onderhouden met prachtige anecdotes.

de vriendelijkheid van de mensen van Cercle is onbeschrijfelijk

mijn gastheren (binnenkort "collega's") hebben een groot voetbalhart

de zaalverantwoordelijke is een Sporting Boy

moest ik in West-Vlaanderen wonen, ik nam een abonnement

LEVE CERCLE! 

 

 

10:53 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: cercle |  Facebook |

15-02-08

DE ZONEN VAN DE ZEE

Ik houd van Oostende. Brussel in het klein. Ik pleeg er wel eens een weekend door te brengen met vrouw en kinderen. Telkens ik het rond punt oprijd aan de rand van de koningin der badsteden, moet ik aan Laurent Verbiest denken. Hij verloor er op zesentwintigjarige leeftijd zijn begenadigd leven.  Auto ongeluk. Verbiest is, volgens de overlevering, de meest sierlijke achterspeler van RSC Anderlecht ooit. “Lorenzo” was het prototype van de Sinibaldi-speler. Technische lefgozer. Altijd voetballen. Volgens Albert Roossens, destijds zijn voorzitter, speelde de Oostendenaar zoals Beckenbauer. Hij zou Alberto Di Stefano ooit zoek gespeeld hebben. Generatiegenoot Richard “De Hazewind” Orlans bevestigt zoveel lof. Orlans vervoegde RSC  Anderlecht op de gezegende leeftijd van 31 jaar. De rasechte Gentenaar belandde bij Anderlecht omdat hij jaren voordien een van de beste gastspelers van paarswit was. In juni 1956 vergezelde hij Sporting als A.R.A La Gantoise speler op een 22-daagse voetbaltrip. Paarswit speelde gastwedstrijden in Helsinki, Leningrad, Moskou, Kiev en Boekarest, om via Boedapest en Praag terug te keren. In volle koude oorlog. Orlans was in de vorm van zijn leven maar keerde na de exhibitiewedstrijden braafjes naar de Gentse stal terug. Vijf jaar later zou het wel lukken. En hoe. In een volgepakt Heizelstadion (64.694 toschouwers) schakelde paarswit, met Orlans, eerst de Europese Grootmacht Real Madrid uit, daarna C.D.N.A. Sofia om na de winterstop uitgeschakeld te worden tegen Dundee United. Toch zijn de jaren zestig synoniem voor de bevestiging van de ziel van paarswit: dwingend, technisch en aanvallend voetbal. Frans voetbal. Het voetbal van Pierre Sinibaldi. De Corsicaan, destijds trainer van de Luxemburgse nationale elftallen, werd aanbevolen door Albert Batteux, de coach van Stade Reims en de Franse Nationale ploeg. Sinibaldi zou als geen ander zijn stempel op de club drukken. Zes jaar lang. De method was even eenvoudig als duidelijk: talent zo jong mogelijk aanwerven en polijsten naar de huisstijl door een leger begaafde trainers, meestal ex-internationals. Paul Van Himst is het prototype van de Anderlechtse jeugdschool. Van Himst bood zichzelf aan, andere werden elders opgespoord. Tot ver buiten Brussel. Oostendenaars Wilfried Puis en Laurent Verbiest. Zonen van de zee. Orlans was een uitzondering op Sinibaldi’s zienswijze. Hij versterkte als oudere de bende jonge veulens en ontfermde zich over de twee kustjongens. De Gentenaar was de trotse bezitter van een eigen wagen, een anthracietkleurige Mercedes 180. Roossens had die voor een goed prijsje kunnen regelen. Hoewel de Anderlechtspelers destijds al goed betaald werden vergeleken met andere eersteklasseclubs, kregen jongelingen Puis en Verbiest een eersteklasse treinabonnement. De gewiekste straatjongens kochten een tweedeklasse abonnement, staken het verschil op zak, spoorden naar Gent en reden met Orlans naar Brussel. Na enkele maanden vroeg Orlans het duo een financiële bijdrage te leveren aan de benzinekosten. Puis betaalde onmiddellijk. Verbiest deed alsof zijn neus bloedde. Orlans herhaalde zijn vraag nog een keer met de dreiging dat Verbiest op zijn eentje naar huis moest zien te geraken. Zo gezegd, zo gedaan. Na de training reed Orlans zonder omkijken weg, met de bedremmelde Puis naast hem. Verbiest trok zich daar allemaal niets van aan en nam de trein naar Oostende, zonder couponnetje. Hij werd gepakt. Richard Orlans moet er nog steeds om glimlachen. “Verbiest was wereldklasse. Een brutaaltje” vertrouwt hij me toe “een lieve jongen, misschien een van de beste waar ik ooit mee speelde. Toen ik vernam dat hij verongelukt was, kon ik er niet bij. Ik was er kapot van. Zo jong. Wat een carrière zou hij niet gehad hebben?”.Vincent Kompany zou nog het meest op Verbiest lijken. Jammer dat hij op twee februari 1966 de trein niet nam.

20:47 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rsca |  Facebook |

VANDAAG

De voorbije weken weer fijne tijden gehad. Vandaag heb ik twee talenten samengebracht, een onwaarschijnlijke productontwikkelaar die de voetbalwereld aan het veroveren is - ik ga hem daarbij helpen - en het grootste zakelijk talent uit mijn vriendekring.

De man heeft een van de grootste on line reclme agenstchappen opgericht. ik leer bij elk gesprek bij. Way to go Gio.

Enkele dagen gelden mocht ik voetballen tegen mijn goede vriend Bart en een van mij Anderlecht idolen. Méér moet dat niet zijn. Twee keer gescoord. Mannen blijven jongetjes.

Ook professioneel gaat het lekker. Binnenkort halen we een grote sportcompetitie binnen...

De zoon van een goede Nederlandse vriend gaat naar AZ. Een Amsterdamse jongen, ontglipt aan het oog van Ajax...

Het boek over RSCA vlot lekker, daarna begin ik aan een nieuwe over seizoensrevelatie uit Brugge.

Het leven is goed

20:42 Gepost door David Steegen in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: these days |  Facebook |

BRUSSEL HOOFDSTAD VAN EUROPA

De Europa Cup is de mooiste voetbalcompetitie ter wereld. Internationale stammenoorlog. Victoria Setubal – Feyenoord. Het is altijd donker wanneer historie geschreven worden. Het maakt clubvoetbal tijdloos. FC Brussels is het resultaat van vier mislukte fusies en veel ellendige financiële en andere wanorde maar de heldhaftige verloren halve finale tegen Atletico Bilbao van 1977 (UEFA Cup) vergeten we nooit. Een van de talrijke voorlopers van FC Brussels, Royal White Star Brussels, haalde al een rondje Europees voetbal in 1972. Een jaar later smolt het stuntelig samen met Daring Club Molenbeek, een volkse vereniging met traditie en supporters. De voorloper, Daring Club de Bruxelles, stamnummer 2, was de aartsrivaal van Union Sint- Gillis. De club had al geschiedenis geschreven door een einde te maken aan de historische reeks ongeslagen wedstrijden (60) van Union. Na de tweede wereldoorlog speelde Daring zelfs Europees. De beker der Jaarbeursteden, de voorloper van de huidige Europese bekercompetities. Brussel is de koning der Jaarbeurssteden. We zijn sterk in kermis vieren, congressen en expo’s organiseren. Altijd al gastvrij geweest, de blik boergondisch naar buiten gericht. Brussel, de culturele spons. De uitheemse prestaties van Anderlecht hebben de status van het Belgisch voetbal in het buitenland bepaald. Anderlecht, ooit voetbalhoofdstad van Europa. Een geslaagde Europese campagne van een Belgische club doet meer voor ons imago dan geldverslindende promotiecampagnes.  De Premier League, de engelse voetbalcompetitie, wil een extra (39ste) speeldag toevoegen aan het reguliere kampioenschap. De speeldag moet echter in een buitenlandse stad gespeeld worden. De Premier League is een wereldmerk geworden. Engelse topclubs schuimen de aardbol nu al af om exhibitiewedstrijden te voetballen in de vijf werelddelen. Wereldsteden als New York, Bangkok, Tokio en Peking staan nu al te drummen om die extra speeldag te verwelkomen. Het is ooit anders geweest. In de jaren vijftig verbood de Football Association, de Engelse voetbalbond, haar clubs om Europees te spelen.  De bonzen vreesden praktische problemen die de lokale competitie zouden schaden. Manchester United veegde de richtlijn aan haar laars en ging, na het winnen van de landstitel in 1957, toch Europa in. De eerste Europa Cup wedstrijd van United op het continent van tegen RSC Anderlecht (1957). ManU wint twee maal, 0-2 en 10 – 0 gewonnen. De Schot Matt Busby, de legendarische coach van United, was ervan overtuigd dat voetbal een wereldsport is. Ondanks de vliegtuigramp van 6 februari 1958 in München, waarin zeven United spelers het leven lieten, heeft Busby gelijk gekregen. Vorige week werd de 5O ste verjaardag van de vliegtuigramp herdacht. Het onleefbaar en belastend schuldgevoel van Busby – had hij naar de FA geluisterd, was er géén ramp geweest – is een zegen gebleken voor het voetbal. Busby’s anarchie ligt aan de basis van het mooiste voetbal ter wereld, de Champions League. Die 39ste speeldag mag naar Brussel komen, de hoofdstad van Europa.

20:28 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: brussel |  Facebook |

27-01-08

IN DE NAAM VAN DE VADER

Vader kwam regelmatig naar mijn voetbalwedstrijden kijken. Een kwartier na de aftrap verscheen hij op de vervallen tribune. Voor het eindsignaal was hij allang weer verdwenen. Lof kreeg ik zelden. Negatieve opmerkingen sneden door merg en been. Zolang ik genoot was het allang goed. Zonen spelen om hun vader te behagen. Nu ik zelf sportende kinderen heb, begrijp ik hem beter.Een goede vriend heeft een zoon, een twaalfjarige Brusselse ket, opgroeiend in de stedelijke verscheidenheid. De jongen kan voetballen, is technisch sterk en speelt met branie en overgave. Dat helpt om te overleven op de Noord-Brusselse pleintjes. Vorig seizoen werd hij weggeplukt door een vierdeklasser waar hij de pannen van het dak speelt. Zijn vader ondergaat wekelijks overdreven lof en hatelijke jaloezie. Het is niet makkelijk als je wat talent hebt. Vraag maar aan Pierre Kompany. Mijn vriend kijkt lijdzaam toe en houdt zich zo afzijdig mogelijk van het Freudiaans gewoel. Zoonlief wordt op een rustige en nuchtere wijze bijgestaan. Daar ben ik de eerste getuige van. Onredelijke emoties en misplaatste vaderlijke projectie worden vermeden. Hij vertelt me regelmatig over de onwelvoeglijkheid van vele andere vaders rond de jeugdvelden. Scheldend en onwezenlijk agressief. De ergste zijn de mannen waarvan de zonen van Ronaldinho, Kakà en Robinho houden maar hen in géén honderd jaar zullen benaderen. Erger nog, vaders die hun eigen frustraties en nooit geconsumeerde dromen op hun onschuldige zonen projecteren. De druk op de jongetjes is wreed en neigt naar kindermishandeling. Vorige woensdag was ik te gast op het Gala van de Gouden Schoen. Kijkers en zaalpubliek kregen drie emotionele filmpjes te verwerken. Televisie. De vader van winnaar Steven Defour vertelde met trillende stem dat hij aan de jeugdtrainers van zijn zoon vroeg om hem “onder zijn voeten te geven wanneer hij slecht bezig was”. Hij had jarenlang bijgeklust om de voetbalverplaatsingen te kunnen betalen. De moeder van de jonge Argentijn van Anderlecht Luca Biglia, snikte dat ze hem miste, dat hij zijn eerste voetbalgeld afstond om de familie een beter leven te geven. Dat hij van kleinsaf heel speciaal was. Leuk voor zijn broers en zus. Biglia keek toe en weende, overmand door heimwee en peinzend aan de vele ontberingen om Profvoetballer te worden. Brusselaar Marouane Fellaini zag dan weer zijn vader toegeven dat hij zijn eigen voetbalcarrière gemist had. Zijn talentrijke zoon moest en zou hem overtreffen. Dat is intussen gebeurd. Marouane is international, sterkhouder van Standard en wordt gegeerd door buitenlandse topclubs. Extra trainingen, verplicht hardlopen van en naar school, door weer en wind, achter zijn fietsende vader rennen totdat hij niet meer kon hebben Marouane staalhard gemaakt. Alles stond in het teken van zijn loopbaan. Zijn broers vertelden over de vele verhuizingen naar de omgeving van de clubs waar Marouanne voor voetbalde. Merci papa. Fellaini werd zevende op de ranglijst van de gouden schoen. Tijdens de receptie word ik plots aangesproken door een licht aangeschoten Fellaini senior. Indrukwekkend man. “hoe kan het dat Marouane maar Zevende werd? Wat een gebrek aan respect. World Soccer plaatst hem in de topvijf van Europa, wat een schande...”  ratelt hij. Na de monoloog van een halfuur neemt een franstalige journalist het van mij over. Gelukkig. Ik ben blij voor Marouanne Fellaini en zijn broers dat hij het gehaald heeft.

13:55 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: fellaini en defour |  Facebook |

RESERVOIR DOGS

Trainers en voetballers.Wanneer Haiti zich plaatst voor het WK 1974 in het toenmalige West-Duitsland, barst een ongekend volksfeest uit in de straten van de hoofdstad Port-au-Prince. Het starschot voor een onwaarschijnlijke vormcrisis van de nationale elf. Hoe dichter het WK komt, hoe slechter ze voetballen. Dat is zéér tegen de zin van dictator Baby Doc Duvallier. De bloeddorstige tiran dreigt. De eer van de natie staat op het spel. De afgang moet vermeden worden, of anders... De schrik slaat om het hart van steraanvaller Emmanuel Sanon, destijds de grote vedette van Beerschot. Sanon kan géén deuk méér in een pakje boter shotten. Hij is compleet uit vorm. Antoine Tassy, de bondscoach, wil het tij keren en spreekt zijn spelers toe. De kleedkamer davert op haar grondvesten. Om de donderpreek te benadrukken, neemt hij een startpistool in de hand en vuurt alle kogels af in het plafond. Daarna richt hij de loop naar topschutter Sanon die, in een roekeloze reflex, de dolgedraaide Tassy het pistool afhandig maakt en hem onder vuur neemt. Sanon weet dat er geen kogels meer zijn en haalt de trekker over. Click. Reservoir Dogs avant la lettre. Tassy trekt wit weg en verlaat de kleedkamer. Even later staat het nietige Haiti met knikkende knieën tegenover vice-Wereldkampioen Italië. Mirakels bestaan. Sanon scoort het openingsdoelpunt. De eerste tegengoal van de squadra in twaalf wedstrijden. De eer is gered. Na de wedstrijd vallen Tassy en Sanon elkaar in de armen en Baby Doc stuurt gelukwensen ondanks het 3-1 verlies. In 1930 spelen de Verenigde Staten het eerste WK in Uruguay. De USA is op dat ogenblik een bont allegaartje van Engelse en Schotse voetballers. De meesten vervelen zich stierlijk en gaan op visvangst. De ex-pats vinden een vijver, gooien er een pak dynamiet in en halen de dode vissen na de explosie op. Even later staan ze hun buit lachend te verkopen op een lokaal marktplein. Trainer Jack Coll kan er niet om lachen. Géén enkele van zijn spelers neemt de verantwoordelijkheid op voor de wonderlijke maar illegale visvangst. Integendeel, de internationals schrijven een brief naar de V.S. officials met de dreiging het WK te boycotten als de bondscoach de beschuldigingen niet intrekt. Coll had géén bewijzen en laar de zaak rusten, sterk tegen zijn zin. De VS hervat de training en bereikt de halve finale. Tijdens het toernooi vindt Coll elke dag stukjes vis in zijn hotelkamer en in zijn boekentas. De dader is onbekend gebleven. Elk jaar, tot aan zijn dood in 1960, ontvangt Jack Coll een verjaardagskaart, door alle spelers ondertekend. Op de postkaart prijkt steeds weer een mooie vis.Het Brussels voetbal zit in de knoop. Albert Cartier van FC Brussels en zijn collega van Anderlecht, Ariël Jacobs, moeten hun respectieve clubs uit het slop halen. De eerste kreeg zeven nieuwe spelers om het tij te keren, de andere drie. Tien verschillende persoonlijkheden inpassen is niet makkelijk.

Reservoir Dogs in Brussel. Cartier is alvast ontslagen.

    

13:54 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: reservoir dogs |  Facebook |

12-01-08

Een Nieuwe Wind

Het beweegt sinds Ivan De Witte (Voorzitter) en Ludwig Sneyers (Algemeen Directeur) de Liga Beroepsvoetbal aanvoeren. Er waait een lichte vernieuwingsbries aan de Houba De Strooperlaan.

Beide trachten de achttien eersteklassers op een lijn te krijgen. De vernieuwde eerste klasse is bijna een feit.

De Witte en Sneyers schuwen de taboes niet. Hun taak is aartsmoeilijk: een beter voetbalcontract binnenrijven en de competitie hervormen. Beroepshalve volg ik vele buitenlandse voetbalcontracten. De buurlanden staan al erg ver. Nederland en Duistland zijn voorbeelden van vernieuwing en creativiteit.We maken on sterk dat het hen lukt. ze studeren, zijn bescheiden en trachten de achttien clubs wat op te voeden, te informeren. Beide zijn de eersten die voetbal uit het afremmend mikrosmosje van het incestueuze milieu proberen te halen. Andere sporten en economische sectoren staan al veel verder. Voetbal is slachtoffer van haar eigen populariteit. Frans Schotte, de Voorzitter van Cercle Brugge, is ook zo iemand. Dat Cercle eerste of laatste staat maakt niets uit. Schotte heeft zich omringd met vakbekwame mensen van verschillende pluimage. ze volgen een sobere en nuchtere strategie en wijken niet. Emoties reserveren ze voor de wedstrijddagen. De rest van de tijd wordt gewerkt en beheerd. Met visie. Mannen als Schotte zijn niet alléén. Vincent Mannaert bij Zulte Wraegem is ook zo iemand. Intelligent, voetbalkundig en gedreven door de wil tot verbetering van "ons" voetbal.

We maken ons sterk dat doorbraken zullen volgen. Bescheiden en vastberaden leiders staan met mondjesmaat op.

Laat hen maar doen.

 

13:21 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (0) | Tags: eerste klasse |  Facebook |

ALLES KAN BETER

Ik ben weer niet gevraagd door Humo. De eindejaarsvraagjes. Daarom maak ik voor een keer graag misbruik van het forum verleend door deze kwaliteitskrant.Mooiste momenten 2007 : Een Brusselse club voetbalkampioen van België. Alweer. Voor de 29ste keer in het bestaan van stamnummer 35.  Het voortbestaan van Union Sint-Gillis is verblijdend.   Dieptepunt 2007 : De slecht functionerende lichtmasten van FC Brussels. Hopelijk geen symptoom van een definitieve duisternis. Ook het ontslag van Franky Vercauteren is een droeve mijlpaal in de Brusselse voetbalgeschiedenis. RSCA zal hem ooit weer in de armen sluiten.  De dood van de hongaar Andras “Bandi” Béres. Als speler voetbalde hij aan de zijde van grootheden als Ferenc Puskas en Sandor Kocsis. In 1956 vluchtte hij naar Nederland. Hij voetbalde eerst voor de voorloper van Twente, SC Enschede. Na een avontuur in Luxemburg werd hij trainer van Beerschot in 1962. Vier jaar later, mijn geboortejaar 1966, kreeg hij Sporting Anderlecht onder zijn hoede en werd prompt kampioen. Enkele maanden later vloog hij buiten en trachtte hij Daring Club De Bruxelles te redden. Zonder veel succes. De opvolger van Pierre Sinibaldi blijft echter een paarswit icoon.Beste Voetballer 2007:Tot augustus 2007: Lucas Biglia. Danst de tango met de bal dankzij een magische zool.Slechtste Voetballer 2007:Sinds augustus 2007: Lucas Biglia. De overdaad aan zooltjes. Vooral lateraal en naar achter. RSCA mag maar een voetbalrichting kennen: rechtdoor.Voetballer Van het jaar:Steven Defour. Branie, straatslim, intelligent, sluw, charisma, dartel, hard en ambitieusVoetbakneuzen Van het jaar:De Bayats van Charleroi. Ze verdienen de club niet. Sporting Charleroi is een van de mooiste, warmste voetbalclubs van het land. Sinds jaar en dag. De zebra’s verdienen beleefde en waardige bestuurders.Beste trainer 2007:Michel Preudhomme. Als ik Standard voor mijn pensioen (binnen een twintigtal jaar) kampioen wil zien, zal het dit seizoen zijn.Slechtste trainer 2007: In dit land hangt het lot van elke trainer aan een zijde draadje. Ze kunnen allemaal iets.Beste bestuur 2007:Frans Schotte & co. Ingetogen, met visie en sociale empathie. Bij Cercle Brugge heerst ouderwetse warmte in moderne tijden. Ook de onvoorwaardelijke trouw aan het budget en de traditie van de vereniging. Ik ken Cercle bestuurders die hun koffie weigeren te drinken in een blauwe kop. Leve Cercle.Slechtste bestuur 2007:Sint-Truiden VV. Geld is niet alles of “hoe omring ik me zo slecht mogelijk”? Meest ongelukkige club 2007:FC Brussels. Hoewel het éénmansbestuur niet vrijuit gaat, lijdt de fusieclub onder een ontstellend gebrek aan geluk.  Veel kwetsuren gecombineerd met een bedenkelijke transferpolitiek richt de club (bijna) ten gronde.  Meest gelukkige club:Club Brugge. Slecht spelen en veel winnen. Waarschijnlijk kampioen.Mooiste Uitrusting 2007:Geen enkel. De kakofonie aan kleuren en sponsors op konten, schouders en borsten is hemeltergend, niemand lijkt nog trouw te blijven aan het originele uniform. Op de blauwzwarte set van Club Brugge en de Paarse set van RSCA na.  Lelijkste uitrusting 2007:Waar beginnen? Zulte Waregem heeft een italiaanse kledingsponsor. Het mag niet baten. De clubkleuren blijven wansmakelijk.Grote hoop 2007:Defour, Sterchele, Vadis Odjidja, Dembele, Mirallas, Gillet, Vermaelen, Vertonghe, Kompany, Poccognoli, Cordaro enz, ...er is veel talent op komst.Terleurtelling 2007:RSCA sinds augustus. FC Brussels verdient ook een vermelding.Beste Wensen aan:De voetbalbond. Geen excuses meer. Het moet beter.FC Brussels: ontwikkel de jeugdschool. Wat minder buitenlanders met belastingskorting, aub.RSCA: graag een structurele samenwerking met FC Brussels en Union om Brussels toptalent klaar te stomen.Cyrille Théreau. Alles wordt beter. 

12:56 Gepost door David Steegen in voetbal | Permalink | Commentaren (1) | Tags: nieuwjaar |  Facebook |

28-12-07

E arrivato Charlie

Een van mijn beste vrienden heeft sinds gisteren een zoon.

Zijn naam is Charlie, ik houd nu al van hem.

Ik hoop dat hij de intelligente ingetogenheid en de rust van zijn moeder erft. Van zijn vader mag hij het inzicht overnemen.

De rest zal hij wel zelf uitzoeken en ontwikkelen.

Ik hoop dat hij RSCA'S newest Fan is, Sporting Hasselt is ook goed.

Auguri Charlie, benvenuto.

live your life

 

21:07 Gepost door David Steegen in Liefde | Permalink | Commentaren (1) | Tags: charlie becks |  Facebook |